Kanker actueel  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs

  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs
  •  1) Fighting Cancer: The new breaktroughs


     1) Fighting Cancer: The new breaktroughs

    Zaterdag 25 november is er in Londen een groot congres waar uit de hele wereld artsen en andere medische deskundigen bij elkaar komen voor een uitwisseling van nieuwe alternatieve aanpak bij kanker. Daar krijg je te horen waar en wat de resultaten zijn van nieuwe onderzoeken, experimenten enz. Volgens kenners een zeer interessant congres met een hoge status.
    Aanmelden kan bij WDDTY, Freepost ND6041, Market Harborough LE 16 7 BR of u kunt informatie krijgen op 0044800-146054 en vragen naar genoemd congres.
    Adres congres: Friends meeting house, Euston Road, London NW1 (tegenover Euston metrostation)
    Prijs: 47 Engelse ponden

    Noot redactie:
    14 december 2000: we proberen erachter te komen wat de belangrijkste conclusies en bevindingen zijn van dit congres. Zodra we dat hebben zullen we dat op deze site publiceren.

     


     2) Trials van probioticium bij darmkanker

    Zoals u wellicht in onze statuten hebt gelezen (zie doelstellingen Stichting Gezondheid Actueel) hebben wij met onze stichting als doel naast het geven van onafhankelijke informatie ook het promoten van onderzoek naar veelbelovende aanpak van kanker. Op de pagina onderzoek en voeding en literatuurlijst houden we u op de hoogte van zoveel mogelijk binnen- en buitenlandse wetenschappelijke onderzoeken, die zijn gedaan of worden gedaan naar de effecten van voeding/suppletie, maar ook reguliere methoden op kanker.

    Bij een aantal artsen/wetenschappers achter deze site bestaan plannen om zelf ook, vanuit deze site, onderzoek te stimuleren en zo mogelijk zelf te starten. Zij denken daarbij vooral aan darmkanker. Om twee redenen: het is een veel voorkomende vorm van kanker en het is een kanker waar de verwachting dat voeding een rol speelt relatief groot is. De betrokken artsen/wetenschappers denken daarbij aan de vermindering van het voorkomen van stoffen die kanker kunnen veroorzaken.

    Voorbeelden daarvan zijn biogene aminen, indolen (1), ammonia (2).

    De aanwezigheid van sommige van zulke stoffen wordt mede bepaald door voeding. Verkeerde voeding kan het voorkomen van deze stoffen versterken en andere verminderen. In een eerste trial zouden de artsen/wetenschappers dit mechanisme willen meten, om in een volgende trial de klinische effecten daarvan te bepalen. Alles in een keer wordt waarschijnlijk te duur.

    De eerste contacten daarover zijn al gelegd en Stichting Gezondheid Actueel zal dit plan verder ondersteunen en begeleiden waar mogelijk. Wij houden u uiteraard op de hoogte hoe alles verder verloopt.

      (1) Chung KT ea J of the National Cancer Inst 54: 1073-8 (1975) Tryptophanase of fecal flora as a possible factor in the etiology of colon cancer.

    (2) Hambly RJ ea Nutrition and Cancer, 27, 3: 250-5 (1997) Effects of High- and Low-Risk diets on gut microflora associated biomarkers of colon cancer

    Heeft u ideeën suggesties en /of kontakten die ons kunnen helpen? Zoudt u zo´n onderzoek een klein beetje willen sponsoren? Mail ons. 

     

    Naar boven


    3) Appelschillen goed tegen kanker

    Vorig jaar meldde de Volkskrant het onderstaande bericht met daaronder een vervolgbericht:

    Volkskrant 24 juni 2000
    In de bijlage Wetenschap van de Volkskrant van zaterdag 24 juni wordt melding gemaakt van een onderzoek dat heeft aangetoond dat een extract van appelschillen de vermeerdering van kankercellen in een reageerbuis verminderd. Dit wordt verklaard door het feit dat in 100 gram ongeschilde appel (Red Delicious) 290 milligram fenolzuren en 142 milligram flavonoiden zitten (antioxidanten). Geschilde appels blijken volgens de onderzoekers minder effect te hebben op de remming van kanker dan ongeschilde appels. Dit onderzoek is gepubliceerd in Nature van 22 juni jl. en verricht door onderzoekers van de afd. voedingswetenschappen aan de Cornell-universiteit in Ithaca (New York), aldus de Volkskrant.

    Afgelopen zaterdag d.d. 30 juni 2001 meldt de Volkskrant het volgende:

    Dr. Mohamed Awad promoveerde met een onderzoek naar de kankerremmende functie van appelschillen. Volgens Awad zit er in de schil de grootste concentratie van quercetine, catechines en anthocyaan, stoffen die volgens het Amerikaanse onderzoek aan de Cornell-universiteit het beschermende effect aantonen tegen kanker. Al deze stoffen behoren tot de flavonoïden, een grote groep natuurlijke geur- , kleur- en smaakstoffen in groenten en fruit. In het lichaam maken deze stoffen agressieve moleculen onschadelijk en voorkomen zo o.a. hart- en vaatziekten en kanker. Aldus de Volkskrant. 

    Awad ontdekte dat genoemde stoffen verhoogd kunnen worden door appels meer kleur te laten krijgen. Dit betekent dat appels die hoog in de boom groeien waar ze veel licht en zon krijgen meer de genoemde stoffen bevatten dan appels van beneden aan de boom in de schaduw. Het verschil bedraagt soms twee keer zoveel flavonoïden in appels uit de zonkant dan uit de schaduwkant van de boom. 

    Zo meldt de universiteit van Wageningen waar Awad promoveerde dat er ook een groot verschil zit tussen verschillende appelrassen. In bv. Jonagold zit 40% meer flavonoïden dan in Elstar. In Wageningen, op de afdeling het Plantaardig praktijkonderzoek, de werkgever van Awad, wordt al uitgegaan van een fikse subsidie om appels te kweken met nog meer flavonoïden. Awad keert binnenkort terug naar Egypte en breidt zijn ondersoek uit naar fruit als mango's, druiven en guaves.




    4) Dr. Weil dieet

    Gezien bij Oprah juni 2000
    Dr. Weil. vertelde bij Oprah Winfrey over zijn nieuwe boek'Eating well for an optimum health'. Inmiddels is er ook een Nederlandse vertaling verschenen en in elke boekhandel te verkrijgen. Dr. Weil beschrijft de voordelen van gezond eten en zijn aanbevolen dieet lijkt voor 80% op dat van dr. Houtsmuller. (zie Houtsmullerdieet en Uitgangspunten van Houtsmullerdieet )

    Naar boven

    5) Essiac en kanker

    Ingestuurd Juni 2000
    Er gaat een verhaal de ronde en op sommige internetsites wordt dit middel aangeprezen, dat het middel Essiac, van mevr. Caisse, een van Canadese Indianen verkregen wonderkruidenmengsel een zogenaamde fenomenale werking tegen kanker zou geven. Het verhaal is zo geloofwaardig gelardeerd met enorme tegenwerking van overheid, medisch establishment en farmaceutische industrie, dat je uit sympathie met de dappere mevr. Caisse bijna ongemerkt aanneemt dat dit middel iets goeds betekent. Vrijwel 100% zeker niet dus. Als je het verhaal uit boeken en vanaf het internet uit diverse bronnen kritisch volgt bevat het veel inconsequenties en interne tegenspraken en kleedde die mevr. een zogenaamde wonderkruidenthee die velen zou hebben genezen zelfs uit door er extreem pijnlijke en volgens haar eigen verhaal niet werkende injecties van te maken.
    En dus jarenlang mensen een zogenaamd zekere genezing te onthouden. Gelooft U dit? Ik niet dus.
    Noot redactie:
    Zeer terecht stelt deze persoon: voor voeding en kanker moet je bij een deskundige zijn en het is essentieel altijd kritisch te kijken naar de resultaten. Ook van goedbedoelende artsen.
    Wel hebben we van een bezoeker van de site een webadres gekregen waar veel meer informatie is te vinden over Essaïc en mw. Caisse. Hier is het adres van de site over Bracebridge, de stad waar mw. Caisse leeft en kies dan voor de library, het wijst zich vanzelf. www.town.bracebridge.on.ca/
    Naar boven


    6) Codex Alimentarius


    Toegestuurd door Elise (mei 2000).
    In Berlijn is een vergadering geweest van de grootste farmaceutische
    bedrijven ter wereld.
    Dit kartel wil bewerkstelligen dat de commissie van de Verenigde Naties
    genaamd CODEX ALIMENTARIUS alle uitspraken over de gunstige
    werking van vitamines , de preventieve en ook vaak geneeskrachtige
    werking, verbiedt. Dit betekent dat er geen onderzoek meer gedaan mag
    worden naar de werking van vitamines, mineralen en andere natuurlijke
    kankerremmers. Slechts medicijnen die door de grote farmabedrijven
    worden ontwikkeld komen dan nog in aanmerking voor wetenschappelijk
    onderzoek en dus creëren zij hun eigen markt. En wat doet de rest van de
    wereld? Die staat erbij en kijkt ernaar.

    Er is zeer beperkt wat aktie gaande om protestkaarten te sturen. Deze
    kunt u sturen naar: dr.Matthias Rath, Postbus 405 7600AK Almelo.
    Uitgebreide info hierover op zijn webside: www.rath.nl

    Naar boven

    7) Middel tegen zenuwpijnen


    Toegestuurd door Ellen (mei 2000)
    "Ik heb na de operatie erg veel zenuwpijn opgelopen die niet weggaat. Daarvoor ben ik
    behandeld in het pijnteam van het Radboud (TENS-apparaat, medicijnen, verdovende injecties etc) dit alles gaf geen soulaas dus ben ik steeds op zoek naar oplossingen. Nu slik ik twee maanden TAKE AWAY MSM 1000mg tabletten (10 stuks per dag) en mijn zenuwpijn is zodanig verminderd dat ik het nauwelijks voel".

    Noot redactie: Wij kennen dit middel niet, maar krijgen zoveel vragen over zenuwpijn dat we dit bericht toch willen plaatsen. Als informatie. Maar! We adviseren u dringend voor gebruik eerst contact op te nemen met uw arts.
    Verder staat er op de pagina kankersoorten een bericht over een nieuw middel tegen pijn bij botkanker dat ook wetenschappelijk wordt ondersteund. (zie Botkankerpijn kan worden verzacht door een proteïne)
    Naar boven

    8) Gevolgen chemo bij jeugdkanker


    Donderdag 12 oktober 2000.
    De Volkskrant brengt op de voorpagina het bericht dat in zeven ziekenhuizen poliklinieken zijn opgericht om onderzoek te doen bij volwassenen die vroeger behandeld zijn tegen jeugdkanker. Uit een kleiner onderzoek is gebleken dat heel veel mensen, nu ze volwassen zijn, schadelijke effecten ervaren van behandelingen met chemo en bestraling die ze vroeger hebben gehad. De klachten variëren van schade aan organen, onvruchtbaarheid, hormoonstoornissen, extrreme vermoeidheid en in veel gevallen van andere nieuwe kanker krijgen. Van de 660 patiënten die zijn onderzocht de afgelopen jaren heeft volgens kinderoncoloog H. Caron, verbonden aan het Amsterdamse Emma kinderziekenhuis, 70 % ernstige gezondheidsklachten. In 1996 is PLEK (Polikliniek Late Effecten Kindertumoren) opgericht. Nu wordt in alle ziekenhuizen met een kinderoncologische afdeling dit onderzoek uitgevoerd.
    Noot redactie: Voor ons onvoorstelbaar dat dit soort onderzoeken nu pas plaats vinden. In boeken en op internetsites kun je lezen dat dit soort effecten 30 jaar geleden al bekend waren. (zie o.a. onze pagina kanker en boeken bv. Questioning Chemotherapy van Ralph Moss) En niet alleen bij kinderen, maar ook bij volwassenen. En de wetenschappers maar beweren dat ze zulke goed resultaten hebben met chemo en bestraling. En artsen die wat verder kijken dan hun neus lang is publiekelijk veroordelen tot kwakzalvers. O.i. schandalig. Nou ja, een reden te meer om als kankerpatiënt kritisch te blijven kijken naar een eventuele behandeling. Informeer goed zouden we zeggen.




    9. Geen haaruitval meer bij chemo?

    Volkskrant 6 januari 2001
    In de bijlage Wetenschap van de Volkskrant van zaterdag 6 januari 2001 wordt uitgebreid melding gemaakt van een onderzoek dat heeft aangetoond dat een nieuw chemisch middel de haaruitval bij chemogebruik bij ratten tegengaat. Dit blijkt uit onderzoek dat is gedaan door onderzoekers van de farmaceutische giganten Glaxo Wellcome en Hoffman-La Roche. Hun onderzoeksresultaten en aanpak staat gepubliceerd in het tijdschrift Science van 5 januari 2001. Volgens dr. Sjoerd Rodenhuis, hoogleraar medische oncologie aan de Universiteit van Amsterdam hebben de onderzoekers de kennis over celdeling goed uitgewerkt en zijn met een bijzonder resultaat gekomen. De toepassing bij mensen zal echter volgens dr. Rodenhuis nog wel acht jaar op zich laten wachten. 




    10. Haaienkraakbeen en kanker

    Er is een boek dat als titel heeft 'Sharks don't get cancer'. Maar haaien krijgen wel degelijk kanker. De titel van het boek is dus nogal misleidend en wordt door de tegenstanders van voeding bij kanker vaak gebruikt als one-liner om hun gelijk aan te tonen.
    Hier toch enige nuancering over de werking van haaienkraakbeen. Er is bijvoorbeeld een uitstekend artikel over de neiging van haaienkraakbeen om angiogenese tegen te gaan. (zie medische termen angiogenese ) Een korte uitleg. Een tumor is een homp cellen, die vroeg of laat zo groot wordt dat er geen brandstof en zuurstof meer bij kan, en die tevens omkomt in zijn eigen afvalstoffen, zoals melkzuur. De slimme kwaal zend echter stoffen uit die aangeven dat het hier om een foetus gaat, waarnaar toe, zoals dat bij foetussen gaat, dus bestaande bloedvaten moeten aftakken voor energievoorziening en afvalafvoer. Deze vorming van bloedvaten naar de tumor heet (neo)angiogenese. Men is het algemeen erover eens dat geen enkele tumor, inclusief de uitzaaiingen, groter kan worden dan 2mm in doorsnede zonder angiogenese. Houtsmuller was voorstander van haaienkraakbeen. Probleem is: goede produktie is extreem duur. Tevens is er veel rommel op de markt. Maar vooral: het produkt gaat deels kapot onder invloed van maagzuur en om dit ten dele te voorkomen werd het nuchter ingenomen, enzovoort. Daarom is volgens Houtsmuller genisteine uit soja momenteel te prefereren, mede volgens literatuur.

    Overigens wordt door het National Cancer Institute (NCI) in Amerika een onderzoek gedaan naar haaienkraakbeen bij longkanker. (zie website: http://occam.nci.nih.gov )


    Lung Cancer

    A trial for non-small cell lung cancer patients comparing conventional chemotherapy + radiation therapy with shark cartilage. This trial is being performed at several centers across the U.S. and Canada and is coordinated by the MD Anderson Cancer Center in Houston, Texas.




    11. Simontontherapie bij kinderen gratis aangeboden
     

    Hierbij verzoek ik jullie om onderstaande oproep op te nemen op jullie, fantastische website.

    Tevens verzoek ik jullie om bij 'Nuttige Adressen' een link op te nemen naar:
    Het Gilde van Simontontherapeuten
    psycho-sociale begeleiding van mensen met een levensbedreigende of chronische ziekte, en hun naasten
    Gootsehoek 35
    3238 XA ZWARTEWAAL
    infotelefoon: 0318-580454
    http://www.simonton.nl
     
     
     
    * OPROEP
     
    voor:    Ouders van Kinderen met Kanker
                Kinderen met Kanker (6-12 jaar)
     
    Het Gilde van Simontontherapeuten (psycho-sociale begeleiding van mensen met een levensbedreigende of chronische ziekte) wil in Nederland een onderzoek gaan doen naar het effect van Simontontherapie bij kinderen met kanker. De bedoeling is dat zij gedurende + 10 maanden Simontontherapie krijgen aangeboden, waarna gekeken zal worden naar de effecten op zowel medisch en psychisch (emotioneel) gebied als naar de effecten op de kwaliteit van leven. Hiervoor worden + 15 kinderen gezocht in de leeftijd van 6-12 jaar. Zij krijgen gedurende het onderzoek de therapie geheel gratis aangeboden. Ieder kind krijgt een therapeut toegewezen, die dichtbij het kind woonachtig is.
    Simontontherapie is een additieve therapie en is als zodanig een ondersteuning van de regulier, medische behandeling (dus niet in plaats van!). Simontontherapie is ontwikkeld door de Amerikaanse radioloog O. Carl Simonton. Er wordt o.a. gewerkt met ademhalingstechnieken, ontspanningsoefeningen, visualisatietechnieken (fantasiegeleide oefeningen) en tekenen. Er wordt naar gestreefd om een harmonieuze samenwerking tot stand te brengen tussen lichaam, gedachten en emoties, waardoor de voor herstel zo belangrijke innerlijke kracht wordt vrijgemaakt. Hierdoor krijgen mensen meer greep op de eigen situatie, wordt er meer rust ervaren en neemt de kwaliteit van leven toe. Doelstellingen zijn o.a.: het verwerken van het ziek-zijn, het vertrouwen hervinden in het eigen lichaam, ondersteuning bij medische behandelingen en het verminderen van de bijwerkingen en het verminderen van angst, spanning en pijn. De benadering is afgestemd op de specifieke wensen en mogelijkheden van de individuele cliënt.
    Voor info en/of aanmelding:
    mw. Franny Pourier
    bestuurslid Gilde van Simontontherapeuten
    telefoon: 030-6039605
    http://www.simonton.nl
     
    Alvast hartelijk dank en mochten jullie vragen hebben dan kun je contact met mij opnemen.
     
    dhr. Henny C. Frijling
    vice-voorzitter Gilde van Simontontherapeuten
    Emmastraat 57
    7075 AM ETTEN
    0315-330213  

    Medisch dossier Shifra bijgewerkt

    15 maart 2001: Het medisch dossier van Shifra is bijgewerkt met het laatste nieuws over Shifra, die wederom in remissie lijkt te zijn. Zie ook verhaal over Robin die met zelfde aanpak als bij Shifra snel herstelde (uw verhaal)



    12. Houtsmuller geen kwakzalver

    Wat wij al heel lang weten en geloven is nu ook bevestigd door de rechter. Renckens, bestuurslid van de Vereniging tegen Kwakzalverij mag Dr. Houtsmuller geen kwakzalver meer noemen. Een in onze ogen terechte beslissing. Natuurlijk is de methode van Houtsmuller nog niet wetenschappelijk bewezen en in die zin te bestempelen als alternatief, maar dat is iets heel anders dan kwakzalverij. Bovendien zijn er zoveel opmerkelijke aanwijzingen, zie elders op deze site, dat de aanpak zoals Houtsmuller die voorstaat wel degelijk van invloed is op de genezing en preventie van kanker dat we de beslissing van de rechter alleen maar kunnen toejuichen. Zie ook op onze pagina andere alternatieven wat alternatief en wetenschappelijk bewezen nu precies inhoudt. We willen hier aan toevoegen dat we de motieven van de heren bestuursleden van de Vereniging tegen Kwakzalverij, Renckens en van Dam, tevens klinisch psycholoog bij o.a. KWF en NKI (Nederlands Kanker Instituut) in grote twijfel trekken. De hardnekkige en vaak beledigende, manier waarop deze heren de afgelopen jaren proberen om artsen zoals Houtsmuller en ook Valstar in het verdomhoekje van de kwakzalverij te plaatsen duidt o.i. op een ongezond fanatisme. En kan in onze ogen niet rechtvaardigen dat ze dat allemaal doen in het belang van de kanker patiënt en de Nederlandse burger. We hebben grote twijfels bij de motieven van deze heren en Vereniging.

     


    13 Kankersterfte laatste 50 jaar gelijk gebleven

    In het Ad van vrijdag 15 december in de bijlage Diagnose wordt onder de kop 'Kanker: fluiten in het donker' vermeld dat de laatste vijftig jaar er ondanks miljarden aan onderzoeksgelden er nul komma nul procent vooruitgang is geboekt in het terugbrengen van de sterfte aan kanker. En bovendien zijn die cijfers opgeschoond door correctie naar ouder wordende mensheid, vroegtijdigere opsporing enz.
    Geen opwekkend nieuws dus!

    Enkele citaten uit het artikel:
    Journalist Paul van Laere citeert o.a. cardioloog en medisch publicist Prof. dr. Dunning die in 1982 het volgende opmerkte: "in de afgelopen 50 jaar is het totale voorkomen en de sterfte aan kanker in onze geïndustrialiseerde samenleving niet gewijzigd". Een pijnlijke constatering waaraan Dunning toevoegt:" dit zal in de nabije toekomst niet veranderen. De behandelingsresultaten van de belangrijkste gezwellen waren, zijn en blijven pover". En helaas krijgt Dunning nu gelijk.
    Vorig jaar stelde Dunning in zijn opstelbundel "Betoverde wereld" naar aanleiding van positieve berichten op het congres van het KWF dat haar 50 jarig jubileum vierde: de boodschap dat we met de kankerbestrijding op de goede weg zijn en dat steeds betere resultaten worden bereikt is oorlogspropaganda om de moed er in te houden en geeft een volstrekt onjuiste voorstelling van zaken" zo wees Dunning het KWF terecht.

    De kille cijfers:
    In 1950 overleden per 100.000 Nederlanders 200 mensen aan kanker (105 mannen en 95 vrouwen), in 1995 is dat aantal niet gedaald, maar zelfs gestegen tot 220 per 100.000 (140 mannen en 80 vrouwen) Deze cijfers zijn gecorrigeerd naar o.a. het vergrijzingseffect en geciteerd uit het Signaleringsrapport Kanker 1999 van datzelfde KWF dat op haar congres nog zo optimistisch melding maakt van vooruitgang en geweldige nieuwe ontwikkelingen.

    Een ander cijfer (geciteerd uit artikel in AD):
    In 1997 hield de befaamde gezondheidsonderzoeker Bailar de kankerstatistieken van de Verenigde Staten over de periode 1970-1995 tegen het licht. Ondanks een nationale kruistocht in de beginjaren zeventig tegen kanker waarmee de onderzoeksbudgetten flink werden opgeschroefd stuit Bailar op bedroevende resultaten. In 1970 stierven per 100.000 Amerikanen 190 mensen aan kanker, in 1995 was dat aantal gestegen met zes procent tot 200. De inspanningen voor een betere behandeling zijn een uitgesproken mislukking, concludeert Bailar in zijn artikel gepubliceerd in The New England Journal of Medicine.

    In het artikel wordt een uitzondering gemaakt voor enkele kankersoorten: zo zou zaadbalkanker een grote kans op genezing geven, als ook bij kanker bij kinderen zou progressie zijn te zien en bij de ziekte Non-Hodgkin. Voor de statistieken heeft deze ontwikkeling echter geen enkele waarde volgens het artikel.

    Uit het artikel haal ik slecht 1 hoopgevende alinea: "door behandelingen, voornamelijk gericht op pijnbestrijding en palliatieve - dus niet op genezing, maar op verlichting gerichte - behandelingen hebben ervoor gezorgd dat de ziekte veel dragelijker is geworden. Misschien dat patiënten niet langer leven, maar ze gaan wel anders dood. Daar ligt de grote winst."
    Deze alinea is een citaat van emeritus hoogleraar dr. F. Cleton, tevens voorzitter van de Signaleringscommissie.

    Noot redactie:
    Een wel erg schrale troost dat de kankerpatiënt weliswaar niet langer leeft, maar in ieder geval anders dood gaat. Is wel winst natuurlijk, maar om daar nou miljarden guldens aan te spenderen? Toen ik kanker kreeg was mijn wens niet: 'prettig doodgaan', maar blijven leven, zo lang mogelijk. Wel met kwaliteit van leven, maar bepaalde ongemakken wilde ik wel op de koop toenemen als ik mijn dochter maar kon zien opgroeien. En met een verandering van voeding en de supplementen is die kwaliteit van leven sowieso vooruitgegaan. Dat kost minder, maar moet ik wel zelf betalen. Een ziektekostenverzekeraar vergoedt niets van alles wat ik gebruik. Terwijl het effect op mijn gezondheid zeer goed merkbaar en meetbaar is. Zo'n artikel in het AD maakt me dan ook bijzonder cynisch naar de kankerbestrijding toe die al tientallen jaren miljoenen guldens uit de zakken klopt van het Nederlandse publiek ten faveure van het instand houden van onderzoeken en behandelingen die nu al vijftig jaar bewijzen nutteloos te zijn. En maar verkondigen dat je op moet passen voor kwakzalvers. Wie zijn hier eigenlijk de kwakzalvers in Nederland? Sorry voor dit cynisme, maar ik kan hier echt kwaad om worden. ( is mijn persoonlijke mening, Kees)

     


    14 Genezende werking van lijnzaadolie

    Ingestuurd door Andrè Klijstra juni 2000
    Andrè beweert dat het gebruik van lijnzaadolie genezende kracht heeft o.a. tegen kanker. In Amerika wordt het wel het "flax miracle" genoemd of vloeibaar goud!
    Lijnzaadolie staat inderdaad bekend als goed voor de gezondheid. O.a de Duitse Professor Johanna Budwig, die zo'n veertig jaar geleden heeft ontdekt dat lijnzaadolie kankerremmend zou werken en waar het Budwigpapje naar is genoemd. (zie Uitgangspunten van Houtsmullerdieet voor recept). Een andere aanhanger van lijnzaadolie is de Canadees Udo Erasmus met zijn boek Fats that kill, fats that heal. Dit boek is ook in het Nederlands verkrijgbaar.
    Noot redactie:
    Nadere informatie zegt dat lijnzaad zelf een aanrader is (innemen VERS GEMALEN in elektrische koffiemolen van hele lijnzaad) en bevat veel belangrijke prelignanen, die het lichaam omzet in enterolacton en enterodiol (zie Orthomoleculaire Koerier, 75, pag. 15-16, 1999.). Daarnaast bevat lijnzaad de olie, met alfa-linoleenzuur (zie onze pagina medische termen ).
    Dit is belangrijk, maar daarnaast WEL omega-3 vet uit vis (pesticidevrij) wel degelijk blijven gebruiken (allebei omega-3 maar toch anders)! Wel opletten: lijnzaadolie NOOIT verhitten, en ALTIJD innemen samen met extra anti-oxydanten zoals vit. E! Deze informatie hebben we uit de Orthomoleculaire Koerier gehaald.


    15. Kankeronderzoek naar borst- en baarmoederhalskanker faalt

     Het Algemeen Dagblad komt vrijdag 17 november met het alarmerende bericht dat vroegtijdig onderzoek naar met name baarmoederhalskanker en borstkanker op vele fronten faalt. Zo stelt het AD dat in veel gevallen een onderzoek grote spanningen en twijfels oproept bij mensen. Wat niet opweegt tegen de zekerheid van de uitslag. Want in een aantal gevallen komt het voor dat reeds enkele maanden na een uitslag van geen kanker mensen toch worden geconfronteerd met kanker. De reden zou zijn dat het onderzoek niet exact aan kan geven of er sprake is van kanker enz. Vooral bij jonge vrouwen is volgens het AD een grote marge van betrouwbaar of onbetrouwbaar. Bovendien garandeert een vroegtijdig opsporen van kanker in veel gevallen geen zekerheid van genezen. Alles aldus het AD.

    Noot redactie:
    we willen bij dit bericht toch enige nuancering aanbrengen. O.i. gebruikt het AD nogal een sensationele berichtgeving die niet helemaal klopt met de werkelijkheid. Wat wij elders lezen en weten is dat een vroegtijdige opsporing van borstkanker en baarmoederhalskanker wel degelijk een grotere kans op genezing geeft. Bovendien plaatst het AD een brief van een vrouw waar een foute diagnose voor veel angst en verdriet heeft gezorgd. En dat is uiteraard te betreuren, maar we veronderstellen dat tegenover het verhaal van die enen vrouw vele andere verhalen van vrouwen staan die wel gerustgesteld zijn en/of blij waren dat ze vroegtijdig aan een behandeling konden beginnen. Het gevaar is nu dat de Nederlandse bevolking zich afkeert van dit onderzoek. En of dat verstandig is lijkt ons te op z'n minst prematuur op basis van èèn artikel in het AD.




    16.  Sterfte aan kanker in 1996 bij mannen minder, bij vrouwen meer.

     Uit de jaarlijkse cijfers van de Vereniging van Integrale Kankercentra (VIKC) blijkt dat in het jaar 1996 minder mannen kanker kregen en het aantal nieuwe kankergevallen bij vrouwen stabiel is gebleven. De volgende informatie is gebaseerd op de publicatie zoals die is gedaan via de site van het VIKC: http://www.ikc.nl/vvik/index?/vvik/kankerregistratie/kr-cijfers

    Onderstaande cijfers gelden voor het jaar 1996:

    In 1996 werden in  Nederland volgens het VIKC 65.000 nieuwe gevallen van kanker geregistreerd, 34.000 bij mannen en 31.000 bij vrouwen. Bij ca. 7.000 personen was er sprake van een recidief (deze mensen hadden al eerder kanker gehad). 58.000 mensen kregen voor het eerst kanker. 37.000 mensen overleden aan kanker.

    Mannen kregen vaker kanker dan vrouwen: 4,5 op de 1000 mannen kreeg kanker, tegen bijna 4 op de 1000 vrouwen. 2,7 op de 1000 mannen stierven ten gevolge van kanker, tegen 2,1 van de 1000 vrouwen.

    65 procent van de vrouwen en 75 procent van de mannen met kanker was 60 jaar of ouder. 9 procent van de mensen die voor het eerst kanker kregen in 1996 waren jonger dan 45 jaar. Iets meer dan 400 kinderen tot 15 jaar kregen kanker. Daarvan waren acute leukemie en kanker in het centrale zenuwstelsel het meest voorkomend.

    Volgens de gegevens van het VIKC heeft een man in Nederland 39% kans heeft om gedurende het leven kanker te krijgen, voor een vrouw is die kans iets lager, namelijk 33%.

    Veel voorkomende vormen van kanker

    De hoge kankersterfte bij mannen werd vooral veroorzaakt door longkanker. 6900 mannen kregen in 1996 longkanker. Dat is 20 procent van het totale aantal mannen met kanker. Wel wordt opgemerkt dat dit een vermindering is ten aanzien van eerdere jaren. Dit komt volgens het VIKC doordat mannen vanaf de eindjaren zestig beduidend minder zijn gaan roken. Daar staat tegenover dat bij vrouwen longkanker en kanker in het mond- en keelgebied  relatief sterk is gestegen. Dit wordt geweten aan het emancipatie proces van vrouwen in diezelfde jaren zestig en zeventig. Zij zouden juist meer zijn gaan roken en ook meer alcohol zijn gaan gebruiken.

    Bij vrouwen werden 1.900 gevallen van longkanker vastgesteld, 6% van het totale aantal.

    Borstkanker was in 1996 met 10.000 nieuwe gevallen de meest voorkomende vorm van kanker in Nederland. Bij vrouwen vormde deze aandoening bijna een derde van het totale aantal. Maar ook longkanker (8800), darmkanker (8350) en prostaatkanker (6400) zijn veelvoorkomende kankersoorten.

    Zie onze pagina kankersoorten voor nieuwste behandelingen bij darmkanker, prostaatkanker en borstkanker en met name ook wat voeding en suppletie kan bijdragen aan het genezingsproces. Inforamite over longkanker inmiddels ook op de site , maar zie ook literatuurlijst en zoek via zoekmachine op die pagina naar referenties op longkanker.

    Volgens het VIKC kunnen voor borstkanker bekende risicofactoren slechts 30% van alle gevallen verklaren. Door VIKC genoemde factoren zijn: borstkanker in de familie (ca. 5% is erfelijk), kinderloosheid, eerste voldragen zwangerschap op latere leeftijd, eerste menstruatie op jongere leeftijd, late overgang en overgewicht na de overgang. We willen daaraan toevoegen dat bij borstkanker ook voeding (vet en koemelk) een rol schijnt te spelen te spelen in het krijgen ervan. Zie pagina onderzoek en voeding.en kankersoorten

    Darmkanker komt het meest voor bij mensen ouder dan 60 jaar. Vrouwen krijgen het gemiddeld op hogere leeftijd dan mannen. De kans op darmkanker hangt volgens het VIKC waarschijnlijk samen met voeding.

    De toename van prostaatkanker over de laatste jaren is volgens het VIKC voor het grootste deel te verklaren door uitgebreidere toepassing van diagnostische tests. De vergrijzing speelt eveneens een rol; prostaatkanker komt vooral voor bij oudere mannen. De oorzaken van prostaatkanker staan niet vast. Een klein deel is genetisch bepaald en er lijkt ook een verband te zijn met Westerse eet- en leefgewoonten. Dit laatste kunnen wij bevestigen, zie kankersoorten prostaatkanker en voeding en dan met name het Engelse artikel How big Villain is a Western diet?

    Andere veel voorkomende vormen van kanker waren huidkanker (5.200, waarvan 2.050 melanomen), blaaskanker (incl. de urinewegen 2.500) lymfklierkanker (2.400), kanker in het hoofd-halsgebied (2.350) en maagkanker (2.200).

    Zie onze pagina kankersoorten voor nieuwste ontwikkelingen bij blaaskanker, voor kanker in mond en keelgebied en maagkanker (een heel bijzondere genezing) op pagina uw verhaal.

    Bronnen:
    De Nederlandse Kankerregistratie, incidentierapport 1996 (uitgave VIKC)
    Feiten & fabels, over kanker in Nederland (uitgave VIKC)




    17 NCI doet wetenschappelijk onderzoek naar alternatieve genezingen en beste reguliere ziekenhuis doet mee aan vijf jaars project

    In een aantal gerenommeerde medische tijdschriften in binnen- en buitenland doet het NCI vanuit hun speciale afdeling Occam (Office of Cancer Complementary and Alternative Medicine) een oproep aan artsen en patienten om bijzondere ervaringen met alternatieve en aanvullende behandelingen aan te melden. De Occam wil daarmee een archief aanleggen van opmerkelijke genezingen van kanker of een opmerkelijk verloop van een kankerproces en vanuit die archivering nieuwe onderzoeken opzetten op wetenschappelijke basis. Zo lopen er o.a. al onderzoeken naar longkanker en haaienkraakbeen (zie haaienkraakbeen en kanker op deze pagina), pancreasenzymen + dieet + suppletie bij vaste kankertumoren (zie ook bericht over Dr. Gonzalez in voeding en kanker ) en dieet en suppletie bij borstkanker en prostaatkanker (zie pagina prostaatkanker en prostaatkanker en voeding op deze pagina)

    Het meest gerenommeerde medisch centrum van Amerika Het Johns Hopkins Medical Center heeft een speciale afdeling opgericht die onderzoek gaat doen naar aanvullende en alternatieve behandelwijzen bij kanker. Het NCI heeft daarvoor 7,8 miljoen dollar beschikbaar gesteld. Zo worden o.a. trials opgezet om te kijken of bidden helpt voor Afrikaans-Amerikaanse vrouwen bij borstkanker, maar ook worden trials opgezet met PC SPES. Zie informatie daarover op onze pagina kankersoorten onder prostaatkanker. Bovendien zullen assistent-artsen worden opgeleid in alternatieve en aanvullende behandelingen. 

    Prof. Dr. en Oncoloog Steven Piantadosi zal leiding gaan geven aan dit vijf jaar durende project en zegt daarover: "we hebben een heel team bij elkaar van topartsen en wetenschappers met allemaal zeer veel ervaring in zowel de reguliere oncologie als met alternatieve en aanvullende behandelingen. We zullen met een open blik, maar met een gezonde dosis scepsis de opgezette trials en projecten volgen en beoordelen."  

    Verder heeft het NCI nog meer projecten op stapel staan zoals onderstaande is gekopieerd van de website van het NCI:


    18. Ligtsigaretten veroorzaken moeilijker te behandelen longkanker

     

    Lightsigaretten veroorzaken moeilijker te behandelen longkanker. Dit blijkt uit een onderzoek van een aantal Nederlandse artsen in een artikel dat deze maand verschijnt in het Amerikaanse tijdschrift Epidemiology.   Het roken van light of mild sigaretten is daarom net zo slecht, zo niet slechter dan het roken van gewone sigaretten.

    Longarts dr. N. Zandwijk van het Anthonie van Leeuwen Ziekenhuis licht toe in een artikel in de Volkskrant: wanneer mensen filtersigaretten gaan roken, die minder teer en nicotine bevattn zullen ze dieper gaan inhaleren. Nicotinebehoefte is namelijk de basis van de verslaving, dus de behoefte om te roken is in feite de behoefte aan nicotine. Door de diepere inhalering komen kankerverwekkende teerdeeltjes dieper in de longen terecht, waar zich het schadelijke adenocarcinoom ontwikkelt. Bij 20% van de kankerpatiënten in Nederland wordt de diagnose adenocarcinoom vastgesteld, een slecht behandelbare vorm van kanker. Twintig jaar geleden was dat nog maar 10%. Extra nadeel is dat adenocarcinoom veelal pas in een laat, te laat, stadium wordt ontdekt, aldus longarts Zandwijk. Een andere oorzaak voor de toename van longkanker is dat twintig jaar geleden mensen gemiddeld 15/16 sigaretten per dag rookten. Na de introductie van de light- en mildsigaret is dat gemiddelde per roker gestegen tot 23/24 sigaretten per dag. Ook in Amerika is het aantal adenocarcinoompatiënten gestegen na de introductie van de light- en mildsigaret. Uit NIPO onderzoek blijkt dat 42 procent van de rokers in Nederland uit gezondheidsoverwegingen lightsigaretten is gaan roken, maar nu blijkt dus zonder effecten die in de statistieken zijn terug te vinden.




    19. Wetenschappelijk onderzoek toont falen chemo en bestraling bij longkanker 

    Met dank aan Ralph Moss voor onderstaande informatie.

    Aanvullende chemo bij bestraling van niet-kleincellige longkanker heeft geen effect op de overlevingsduur of genezing. Aldus de conclusies van wetenschappers van de Eastern Cooperative Oncologygroup gebaseerd op een groot gerandomiseerd onderzoek onder 242 patiënten. Genoemde studie is gepubliceerd in The New England Journal of Medicine op 26 oktober 2000. 

    242 patiënten ontvingen naast radiotherapie (bestraling) extra chemotherapie. Daarnaast was er een controlegroep van 242 patiënten die alleen radiotherapie kregen. In de groep met als extra chemotherapie (cisplatin en etoposide) was de gemiddelde overlevingsduur 38 maanden. In de groep met alleen radiotherapie 39 maanden. 

    De officiële conclusie luidt: compared with radiotherapy alone, adjuvant radiotherapy and chemotherapy with cisplatin and etoposide does not prolong survival in patients with completely resected stage II or IIIa non-small-cell lung cancer (N Engl Med 2000;343:1217-22)

    Als begeleidend schrijven concluderen twee oncologen, Desmond N. Carney, MD en Heine Hansen, MD dat aanvullende chemotherapie bij patiënten met compleet verwijderde tumoren geen standaard behandeling zal moeten zijn. 

    Een ander eveneens gerandomiseerd onderzoek toont aan dat post-operatieve radiotherapie bij patiënten zoals hierboven genoemd een contra-indicatie hoort te zijn. Dat bewijst een wetenschappelijk onderzoek bij maar liefst 2.128 patiënten gepubliceerd in The Lancet in 1998 (Lancet 1998;352:257-63). 

    2.128 patiënten ontvingen na operatie radiotherapie. In een controlegroep ontvingen ontvingen eveneens 2.128 patiënten alleen operatie en geen radiotherapie. De analyse achteraf concludeerde dat de patiënten die ook radiotherapie kregen het risico op overlijden verhoogde met 21%. Het slechtst reageerden patiënten met een longkanker in een vroeg stadium (stage I en II) .

    De officiële conclusie zoals gepubliceerd in The Lancet: "Postoperative radiotherapy is detrimental to patients with early-stage completely resected NSCLC (Non-small-cell lung cancer) and should not be used routinely for such patients. ((Lancet 1998;352:257-63). 

    Noot redactie: We vragen ons af hoeveel Nederlandse ziekenhuizen (artsen) van deze onderzoeken afweten en wellicht toch standaard chemo en bestraling na operatie voorschrijven. Althans dat horen we toch wel van veel mensen met longkanker dat ze deze behandeling wordt aangeboden/geadviseerd.  Zie op pagina literatuurlijst wat het effect is van PSK bij longkanker (e.a. kankersoorten).




    20. Groter overlijdensrisico door chemo

    Prof.Dr. med. Dietmar Molitor uit Landau maakte op het derde Medizinische Kongress Kornwestheim "Medizin im Dialog- integratieve Konzepte" bekend dat uit een niet gepubliceerd onderzoek onder Amerikaanse veteranen gebleken is dat van de patiënten die chemotherapie krijgen en ondanks de behandeling sterven dit voor 80% wordt veroorzaakt door de gevolgen van de chemotherapie en niet door hun tumor.
    (Erfahrungs Heilkunde 8/2000).

    Volgens het artikel "Klinische toepassing van cytostatica" in het Geneesmiddelenbulletin van oktober 1997 heeft chemotherapie bij de meeste gemetastaseerde maligniteiten bij volwassenen een palliatief doel. Palliatieve doelen zijn onder meer het verlengen van het leven of het verbeteren van de kwaliteit daarvan. In de praktijk betekent dit echter dat de kwaliteit van leven ernstig wordt aangetast door de meeste combinaties van chemotherapeutica.

    Chemotherapie betekent voor het lichaam naast een ernstige aantasting van het immuunsysteem ook een flinke belasting met giftige stoffen van de chemotherapie zelf en stoffen die vrijkomen na het afsterven van kankercellen en gezonde lichaamscellen.
    Chemotherapie kan door beschadiging van het erfelijk materiaal in de cellen, DNA-schade, ook weer kanker veroorzaken (circa 3% kans).

    L. P. Huijsen, arts voor homeopathie en niet-toxische tumor therapie.
    Zie ook Voeding en chemotherapie 

    Bron: 
    Nieuwsbrief nummer 3, 2000 "Chemotherapie …..en verder?", uitgave van het Nationaal Fonds tegen Kanker, St. Nicolaasstraat 50, 1012 NK Amsterdam, tel. 020-5304933, fax 020-5304930; e-mail: info@snfk.nl




    21. Groter risico op kanker door zonnebrandcreme

    Bron ANP. 

    Veel zonnebrandcremes zijn volgens een onderzoek van het Instituut voor Farmacologie en Toxicologie van de Universiteit van Zurich mogelijk schadelijk voor de gezondheid.

    KOPENHAGEN/ZURICH (ANP) - Drie veel gebruikte stoffen tegen schadelijke UV-straling zouden wel eens kankerverwekkend kunnen zijn, zo concluderen de onderzoekers.
    De Deense regering heeft op basis van de bevindingen van het onderzoeksteam besloten veel zonnebrandcremes van de markt te halen. De drie schadelijke stoffen zouden gemakkelijk opgenomen worden in het lichaam en borstkanker en een verstoorde hormonenhuishouding veroorzaken, aldus de Deense autoriteiten. Het draait volgens het Deense ministerie van Milieu om 4-methylbenzilideenkampfer, octyl methoxycinnamate en benzofenon-3.
    Het departement onderzocht 68 soorten zonnebrand en heeft vastgesteld dat in 60 procent daarvan de verdachte stoffen zit, zo meldde de Deense televisie dinsdag.
    Volgens de lijst die het departement op internet heeft gezet, zouden onder meer bepaalde producten van de merken Biotherm, Elizabeth Arden, The Body Shop en Nivea Sun de schadelijke stoffen bevatten. De autoriteiten roepen de Deense detailhandel op producten die op de internetlijst als schadelijk worden betiteld uit de schappen te halen ( www.miljoestyrelsen.dk/Kemi/UV-liste.htm).
    De meeste Deense apothekers en winkels hebben volgens het persbureau Ritzau meteen gehoor gegeven aan de oproep van het ministerie.




    22. Co-enzym NADH tegen chronische vermoeidheid

    Een dubbelblinde placebo-gecontroleerde klinische cross-over studie in het Medisch Centrum van de Georgetown University stelt bewezen te hebben dat het co-enzym NADH, de symptomen van chronische vermoeidheid  sterk verbeterde. De onderzoekers melden dat binnen vier weken 31% van de patiënten een vermindering hadden van symptomen van het chronische vermoeidheidssyndroom tegenover 8% van de controlegroep. Een vervolgstudie liet zien dat na verloop van 6 maanden 73% van de patiënten sterk verbeterde en na 18 maanden 83%. Deze resultaten zijn gepubliceerd in de wetenschappelijke uitgave "Annals of Asthma, Allergy & Immunology" in februari 1999. 

    Arts/bioloog en orthomoleculair arts Drs. E. Valstar hiermee geconfronteerd daarentegen stelt: 

    Allereerst werkt NADH bij chronische vermoeidheid niet ; de trial was wel FDA-approved, maar het resultaat niet ; het verschil was namelijk niet statistisch significant (bij lange na niet). een toets is bewust niet vermeld ; indien het verschil wel hard was geweest, had men het wel vermeld denk ik.

    NADH wordt verstrekt aan mensen die leiden aan het chronische vermoeidheidssyndroom, maar wordt ook aanbevolen bij kankerpatiënten, ook door de grote anti-oxidant werking van het middel. Deze informatie heb ik gehaald uit een informatieklapper in de Daniël den Hoed Kliniek, genaamd: 'Integrale zorg voor patiënten met kanker'. Daarin uitgebreid beschreven hoe dit middel werkt enz. Wie een exemplaar van deze klapper wil hebben kan contact opnemen met de Daniël den Hoed. Zie nuttige adressen.

    Bij de betere reformzaak en natuurapotheken te verkrijgen

    ref="#top">Naar boven


    23. Conferentie ziekte, zingeving en ziel en internationale conferentie Hospital as a temple

    Op vrijdag 19 oktober vindt in het Ionagebouw in Driebergen (t.o.v. station Driebergen) de conferentie Ziekte, Zingeving en Ziel plaats. Aansluitend volgt dan op zaterdag 20 en zondag 21 oktober de internationale conferentie Hospital as a temple plaats. Zie verder ook bericht op deze pagina over workshop voor vrouwen met kanker door Grace Gawler.

    Deze conferenties worden georganiseerd in gezamenlijkheid door het Forum Gezondheidszorg/Davidshuis en het Bristol Cancer Help Centre en het Scientific and medical network UK.

    Bekende sprekers zijn o.a.: 

    Prof. dr. Tjerk Huppes, hoogleraar informatie technologie, oprichter van de Stichting Assagioli (www.hetbehoudenhuys.nl), nadat hij zelf geconfronteerd werd met een vergevorderde kanker en daar toch mee leerde leven. Samen met Dr. Rob Wesdorp maakte Tjerk de CD-Rom 'Met kanker kun je leven'.

    Rosy Daniel MD. Phd. 'Holistic Medical consultant' was tot 1999 algemeen directeur van het Bristol Cancer Help Centre. Misschien wel het bekendste en oudste, maar in ieder geval de meest gerespecteerde kliniek die zich toelegt op integratie van aanvullende en alternatieve behandelingen bij kanker. En daarmee al meer dan twintig jaar opmerkelijke resultaten mee hebben. Rosy Daniel is verbonden aan de onderzoekscommissie van de 'UK Breast coalition' en lid van de redactieraad van de WHO journal 'Cancer strategy'. Rosy Daniel schreef o.a. de boeken 'Healing foods' (1996) en 'Living with Cancer' (2000)

    Ellen van der Riet werd op haar dertigste geconfronteerd met borstkanker. het gevolg was een reis over de paden van de reguliere, de complementaire en de psychisch/sociale gezondheidszorg. Later ging zij op zoek naar de zin van het leven en het vinden van haar innerlijke weg.

    Verder ook: Drs. Bastiaan Baan, auteur van verschillende boeken over meditatie en spiritualiteit, Prof. Guus van Montfoort, o.a. directeur Zorg Zilveren Kruis Achmea, Dr. Henk van der Steeg, lid van bestuur en medisch directeur van het Diakonessenhuis te Utrecht/Zeist/Doorn, Prof. dr. Theo Wiggers, chirurg en oncoloog in het Academisch Ziekenhuis te Groningen en voorheen werkzaam in de Daniël den Hoed in Rotterdam o.a. als drijvende kracht achter de Tweede meningen kliniek aldaar en Dr. Hans Simons, voorzitter van de Raad van bestuur van het Nederlands Instituut voor Zorg en Welzijn. 

    Voor het programma van zaterdag en zondag kijk dan op www.hospitalasatemple.nl 

    Voor wie wat meer wil lezen is misschien het verslag van de heer Herbert Erkelens van de conferentie van 1995 met Ian Gawler enz. interessant te lezen: http://www.geneeswijzen.net/hspaat/hosp95n#3

    Het doel van de vrijdagconferentie wordt als volgt omschreven in de brochure c.q. inschrijfformulier dat u aan kunt vragen via telefoonnummer: 0343-511520:

    Het doel van deze conferentie is aandacht te geven aan de niet-lichamelijke aspecten van de zorg voor de mens met kanker: de zorg voor de geest en ziel, zowel in als buiten ziekenhuizen

    Voor vrijdag, tijdsduur conferentie van 9.00 uur tot 18.15 uur,  vragen we speciale attentie voor de forumdiscussie: hoe kunnen aanbieders van zorg bijdragen aan het helen van kanker naar lichaam, geest en ziel? 

    Er is een programma onderdeel van Ellen ter Riet en Dr. Bart van der Lugt, directeur van het Davidshuis met als titel: levenslessen van kanker.

    Een programma onderdeel met Dr. Rosy Daniel: Illness, meaning and soul. The evolution of integrated approaches in Cancercare.

    En 's ochtends wordt er geopend na stilte en muziek met de presentatie van de CD-Rom 'Met kanker kun je leven' door Tjerk Huppes.

    Verder zijn er twee workshops op vrijdag:

    Workshop I The impact of self-help- Technics upon survival, -the hopes, the science, the techniques door Dr. Rosy Daniel 

    Workshop II: Zorg voor zorgenden. Baten van aandachtige communicatie tussen verzorgenden en de beleving van de zorg door oncologiepatiënten. Door vijf verschillende Nederlandse mensen.



     24. Vitamine C en DNA schade

    Onderzoekers aan de Universiteit van Pennsylvania hebben in eerste laboratoriumonderzoeken gevonden dat vitamine C schade zou kunnen veroorzaken aan het DNA. De kranten stonden er vol van afgelopen week, maar wie het bericht goed leest ziet dat de getrokken conclusies door de media zwaar zijn overtrokken en erg voorbarig. Zo stelt de onderzoeker Ian Blair zelf al dat het zeer voorbarig en niet correct is om nu te stellen dat vitamine C kankerverwekkend zou zijn, zoals sommige media berichten. Dit onderzoek is een 'in vitro' onderzoek, wat betekent dat het een laboratorium onderzoek is. Blair stelt dat een vervolgonderzoek bij mensen wel eens hele andere resultaten zou kunnen geven. Bovendien zijn de bevindingen dermate dat er nog veel meer onderzoek nodig is. Vooral stelt Blair omdat vele andere onderzoeken wel degelijk hebben aangetoond dat gezond eten van o.a. veel fruit en groenten (met veel vitamine C) wel degelijk preventief werkt bij kanker. (Zie ook schema's van effecten van vitamines bij chemo en bestraling en hormonale therapiën op onze pagina onderzoek en voeding)

    Ook vitamine C expert Prof. dr. Aalt Bast van de Universiteit van Maastricht is niet onder de indruk van de bevindingen uit Pennsylvania. Prof. Bast zegt in de Volkskrant van afgelopen zaterdag (16 juni 2001): "dat vitamine C en andere anti-oxidanten zoals beta-carotene en vitamine E mogelijk schade kunnen veroorzaken aan het DNA is al langer bekend. Maar de Amerikaanse groep heeft alleen gekeken naar een bepaalde concentratie van vitamine C in het bloed. Het zou interessant zijn na te gaan wat andere en hogere concentraties zouden veroorzaken. Wellicht zou dan weer wel de beschermende werking worden aangetoond, aldus Bast.

    Ook prof Blair zegt in de Volkskrant: " Uit epidemologische studies blijkt dat groenten en fruit kankerbeschermend werken.  Dat veel eten van groenten en fruit resulteert in hoge concentratie vitamine C in het bloed en vitamine C dus kanker voorkomt blijkt echter een te simpele redenering. De mechanismen zijn complexer. Bovendien betreft het hier reageerbuisproeven. In levende cellen spelen veel meer zaken een rol. En dat vitamine C kanker veroorzaakt is veel te kort door de bocht, aldus Blair. 

    Hoogstens wordt hiermee dus een aanwijzing gegeven dat  vitamine C als alleenstaande stof niet zo'n kankerremmend effect zou hebben dan vitamine C in combinatie met andere stoffen.

    Hieronder het nieuwsbericht zoals we dat van de site van de American Association For The Advancement Of Science haalden.

    Vitamin C Produces Gene-Damaging Compounds, Test-Tube Study In Science Reports 

    Vitamin C, known to be a DNA-protecting "antioxidant," is a switch hitter, also capable of inducing the production of DNA-damaging compounds, suggests a study in the 15 June issue of the international journal, Science. Mutations caused by these compounds have been found in a variety of tumors. 
    Such mutations can be repaired, however, and lead author Ian Blair of the Center for Cancer Pharmacology, at the University of Pennsylvania, cautioned that the study shouldn't be interpreted as a claim that vitamin C causes cancer. Nor does it question the wisdom of eating a balanced diet rich in fruits, vegetables, and whole grains, he said. 

    The findings, which come from test-tube experiments (in vitro), may help explain why vitamin C has thus far shown little effectiveness at preventing cancer in clinical trials, according to the Science authors. 

    "It's possible that vitamin C isn't working in cancer prevention studies because it's causing as much damage as it's preventing, but that's really speculation at this point. What we can say is that vitamin C clearly doesn't work when you expect it to, and now we're in a position to see if that's what's happening in vivo, [or, in living cells]" Blair said. 

    Some scientists have long recommended dietary supplements of vitamin C, particularly for treating and preventing cancer. But the supplements' effectiveness has been hotly debated, with critics saying they either have no effect or that they may be harmful. 

    "The logic being used [for vitamin C supplements] is that 'fruits, vegetables, etc. contain vitamin C; these foods prevent cancer; thus vitamin C prevents cancer," Blair said. "But our message is that it's the total diet that's important, not just one antioxidant in isolation." 

    Vitamin C is known to do beneficial work in the body, including acting as an antioxidant that "disarms" free radicals. These highly reactive ions are produced by the breakdown of oxygen, which occurs constantly in cells. 

    In addition to damaging DNA directly, free radicals can also act indirectly. They begin by converting linoleic acid, the major polyunsaturated fatty acid in sunflower, grape, and safflower cooking oils, as well as the major polyunsaturated fatty acid in human plasma, into another compound called a lipid hydroperoxide. When certain metal ions are present to act as catalysts, the lipid hydroperoxides degrade further, into DNA-damaging agents called "genotoxins." 

    These compounds react with DNA, switching one base for another in mutations that have been found in human tumors. 

    Scientists, including Blair and his colleagues, have suspected that vitamin C might also be capable of making lipid hydroperoxides degrade into genotoxins, in place of the transition metal ions. 

    To investigate, the Science authors added vitamin C to solutions of lipid hydroperoxides in the lab. They used concentrations comparable to those found in the human body, assuming a person would take 200 milligrams a day. 

    The vitamin was more than twice as efficient as transition metal ions at inducing the formation of genotoxins, including a particularly potent variety. 

    The researchers' next step is to see whether vitamin C produces significant amounts of genotoxins in intact cells, and whether they generate cancer-causing mutations. 


    The other members of the research team are Seon Hwa Lee and Tomoyuki Oe, of the Center for Cancer Pharmacology, at the University of Pennsylvania. Funding for this research was provided by the National Cancer Institute and the University of Pennsylvania Cancer Center. 




      25. Nederlandse ziekenhuizen maken erg veel fouten bij medicijnverstrekking

    Bron: Zorgkrant februari 2002

    In Nederlandse ziekenhuizen worden vrij veel fouten gemaakt bij het voorschrijven en bij het toedienen van geneesmiddelen. Dit concludeert drs.Patricia van den Bemt in haar proefschrift.


    Op een IC wordt bij het toedienen van medicijnen in ruim 30 procent van de
    gevallen fouten gemaakt. Voorschrijffouten zijn daarnaast te voorkomen door
    een verbeterde controle door de ziekenhuisapotheek. Patricia van den Bemt
    promoveert op 22 februari 2002 aan de Rijksuniversiteit Groningen. Ze deed
    haar onderzoek in 2 Friese ziekenhuizen.

    "Op intensive care afdelingen worden er in 45 procent van de gevallen fouten
    gemaakt", aldus Van den Bemt, "En dat vind ik wel heel fors. Ook als we de
    minst erge fout eruit halen - het op een verkeerd tijdstip toedienen van de
    medicatie - worden er nog in 33 procent van de gevallen vergissingen
    gemaakt. Een voorbeeld van een ernstigere fout is verstopping van een
    infuuslijn door het gecombineerd toedienen van twee geneesmiddelen door één
    lijn." Tussen de toedienende verpleegkundige en de patiënt in het ziekenhuis
    zit echter geen buffer meer, er is niemand die daar op toeziet. Dit soort
    fouten kunnen onder meer leiden tot verstoppingen van infuuslijnen of
    voedselsondes.

    Op maandag zijn er de meeste fouten. Mogelijk komt dit doordat er dan veel
    ploegenwisselingen plaatsvinden." Op de IC afdelingen waar intensivisten
    werken maakt personeel minder fouten.

    Voorschrijffouten komen in 10 procent van de gevallen voor. "Je moet dan
    denken aan fouten als onleesbaarheid van het recept, een te hoge dosis of
    een verkeerde combinatie van geneesmiddelen", vertelt Van den Bemt. De kans
    op voorschrijffouten blijkt afhankelijk van het medisch specialisme, de
    status van degene die voorschrijft en het soort geneesmiddel. Om het aantal
    voorschrijffouten te verminderen moeten meer medicijnen elektronisch worden
    voorgeschreven, adviseert Patricia van den Bemt. Artsen zouden ook meer
    bijwerkingen van geneesmiddelen moeten melden.

    Momenteel werkt Patricia van den Bemt bij de ziekenhuisapotheek
    Midden-Brabant in het TweeSteden ziekenhuis en St. Elisabeth Ziekenhuis te
    Tilburg.

    Zorgkrant, 14 februari 2002




     26. Chinees natuurlijk middel vermindert tumorgroei en verbetert overlevingskans indien gebruikt als aanvulling bij chemo en bestraling   

    De laatste tijd komen er steeds meer berichten binnen sijpelen over bepaalde Chinese kruiden die een goede werking zouden hebben als aanvulling bij behandelingen als chemo en bestraling. Lees bv. over Kanglaite, maar ook Zhuling heeft in een onderzoek bewezen een goed effect te hebben. Zo kregen we deze studie uit 1998 toegestuurd (geregistreerd in Medline) , die ik eerst aan arts/bioloog Valstar had laten lezen en deze bevestigde dat deze studie interessant en significant bewijst dat het genoemde middel Fuzheng Baozhen Decoction de tumorgroei afremt en de overlevingsduur significant verlengt. 

    Een vrije vertaling van mij, maar ik ben geen medisch specialist, dus als ik iets niet letterlijk vertaal moet u me dat niet kwalijk nemen, maar wat zegt onderstaande studiebeschrijving:

    Honderd en zeventien patiënten met een kwaadaardige tumor werden behandeld met chemo en bestraling. 55 patiënten van deze mensen (groep A) kregen als aanvulling op de chemo en bestraling het middel Fuzheng Baozhen Decoction toegediend, 30 anderen (groep B)  kregen daarbij het middel  Zhenqi Fuzheng Granules naast de chemo en bestraling. 32 mensen (groep C) kregen alleen chemo en bestraling zonder aanvullende middelen.

    De cijfers van complete en partiële remissie (teruggang van de kanker) waren: groep A: 63.6%, groep B: 43.3%, en groep C: 37.5%. De onderzoekers leggen onderstaand uit dat dit in wetenschappelijke termen significant is, dus bewezen. Ik weet te weinig van statistiek om dat goed te vertalen, maar voor wie wil neemt dit mee naar zijn arts/specialist. De onderzoekers hebben de hele studie getoetst aan een groot aantal muizen die ingespoten waren met een long adenocarcinoom en ook die studie bevestigde de resultaten getoetst bij de patiënten.

    De conclusie van de onderzoekers is dan ook dat het middel Fuzheng Baozhen Decoction als aanvulling bij chemo en bestraling de tumorgroei stopt, zelfs doet verminderen en de bijwerkingen van de chemo en bestraling significant vermindert. Eindconclusie is dat ook de overlevingsduur significant wordt vergroot met Fuzheng Baozhen Decoction als toegevoegd 'medicijn' bij chemo en/of bestraling.

    Het middel Fuzheng Baozhen Decoction is voor zover ons bekend nog niet leverbaar op de Nederlandse markt, maar voor zowel Zhuling, Kanglaite als dit middel wordt door ons geprobeerd dit middel toch in Nederland te krijgen. Wij houden u op deze site daarvan op de hoogte.

    Onderstaand een samenvatting van het bij Medline gepubliceerde onderzoek. Zie 135 andere gerandomiseerde onderzoeken naar het effect van voeding/suppletie bij behandelingen van kanker op de pagina literatuurlijst.


      Zhongguo Zhong Xi Yi Jie He Za Zhi 1998
                      Sep;18(9):523-6
         
     Clinical and experimental study on Fuzheng Baozhen Decoction enhancing effect of radio- and chemotherapy for malignant tumors.
    Li J, Li X, Li J. Institute of Integrated Traditional Chinese and Western Medicine, Hunan Medical University, Changsha 410008.

       OBJECTIVE: To study on Fuzheng Baozhen Decoction (FZBZD) enhancing effect of radio- and chemotherapy for malignant tumors. METHODS: One hundred and Seventeen cases of malignant tumors treated with chemotherapy or/and radiotherapy, 55 cases treated together with FZBZD (group A), comparing with 30 cases treated with radio- and chemotherapy plus Zhenqi Fuzheng Granules (group B) and 32 cases radio- and chemotherapy alone (group C). Mechanism of FZBZD enhancing effect of chemotherapy on transplanted human lung adenocarcinoma (SPC-A-1) and sarcoma (S180) bearing mice was conducted. 

    RESULTS: 

    Effective rates (CR + PR) of group A, B, C were 63.6%, 43.3%, 37.5% respectively, that of group A was the best (P < 0.05). The survival quality of life was improved best in group A (P < 0.05). After being treated, the level of the peripheral blood (WBC, Hb, PLT) of group A was the highest (P < 0.05); CD3, CD4, NK activity, interleukin-2 were also improved significantly in group A (P < 0.01). Animal experiment showed
    that FZBZD could improve chemotherapy effect of inhibitory action on tumor growth (P < 0.01), increase cAMP/cGMP ratio (P < 0.01) by adding cAMP level in cancer tissue, and enhance of G0/G1 phase cells and decrease S phase cells.
       

    CONCLUSIONS: 

    FZBZD inhibited tumor growth and enhanced the effect of radio- and chemotherapy by improving immune and hematopoietic function, cAMP/cGMP ratio and stagnating tumor cells in G0/G1 phase.

    Publication Types:
    Clinical trial
    Randomized controlled trial

       PMID: 11475726 [PubMed - indexed for MEDLINE]




     27. Canadese onderzoekers claimen enzym te hebben gevonden dat de zelfmoordknop aan/uit regelt van kankercellen

     

    Researchers claim 'Holy Grail'
    Prolific Toronto team tags a protein as the off switch of the immune
    system
    Tom Arnold
    National Post

    James Pattyn, Saturday Night
    Dr. Josef Penninger says the new discovery, his 126th published findin to date, came on a hunch. "In 1993," he says, "somebody told me that we know all about [protein] CD45 and we will never find anything new about it." He thought otherwise.

    A team of Canadian scientists has discovered the "Holy Grail" of the
    signalling process the human body uses to control its immune system, a finding that could one day halt the development of cancer, diabetes,
    arthritis and heart disease.

    Researchers have discovered that the protein CD45 contains a master switch capable of turning off hormones and proteins in the immune system. The switch could help shut down growth of diseases, stave off viral infections and prevent rejection of transplanted organs.

    "It is the Holy Grail of the body's cellular signalling system," said
    lead researcher Dr. Josef Penninger, an immunologist at the Amgen
    Institute and the Ontario Cancer Institute, a research centre at
    Princess Margaret Hospital in Toronto. "Our cells rely on the delicate
    balance of communications signals to grow normally and produce blood cells. However, when a signal cannot be stopped, the cells overgrow and we run into trouble. We have discovered that it is CD45 that sends the 'ceasefire' signal to cells."

    Dr. Penninger called the finding one of his most important discoveries: "People understand very much how you turn on a cell but people have had not much idea about how the master off switch works. Everyone was looking for it. Finding this out is kind of like the ultimate prize in this field."

    The research is published in today's issue of Nature, an international
    journal. It is Dr. Penninger's 126th scientific finding to be published.

    It marks the sixth major discovery to emerge from the same Canadian labin less than two years. Dr. Penninger's recent research has attracted headlines around the world.

    "It's an important step in that it identifies a new function for CD45,"
    concluded Dr. John Cambier, chairman of the department of immunology at the University of Colorado Health Sciences Center and the National Jewish Medical and Research Center in Denver. He is considered an international expert on CD45.

    "I'm not sure that I would consider it the Holy Grail of understanding
    regulation of cell growth. But nonetheless the observations are very
    important because they do illustrate a new function in regulation of
    growth."

    The human body contains tens of thousands of CD45, a protein that sits on the surface of red and white blood cells. First discovered 13 years ago, it was believed the protein played a limited role with two
    different types of cells.

    "We set out to find additional function of CD45 just based on the idea that there must be something else," Dr. Penninger said of his 13-member team.
    "In 1993 somebody told me that we know all about CD45 and we will never find anything new about it," Dr. Penninger said.

    The researchers genetically engineered mice that could not make the
    protein so they could compare how these mice and normal mice fared against a virus.

    "If there's a virus infection, our lymph nodes are swelling up but when
    the virus is killed the system must be shut down," said Dr. Penninger.
    "For some people it doesn't. And if you cannot stop the system, what we get is tumours because the cells overgrow, or auto-immune diseases like diabetes or multiple sclerosis because our cells cannot stop attacking."

    Scientists will now look to develop a drug capable of switching off the protein, he said. For instance, since most cancers require particular cells to grow, he said, a new drug that will interfere with the protein and turn off CD45 could halt the proliferation of cancerous cells.

    Dr. Arthur Weiss, an immunologist at the University of California in San Francisco, called the discovery "interesting and provocative. I've heard rumours about it. It is an unexpected and interesting finding."

    Dr. Penninger has emerged as a leader in Canada's research community. He came to Toronto from Austria in 1990 to work with Dr. Tak Mak, a well-known immunologist. By 1993, he had his own lab.

    Last year, he discovered the molecule that regulates movement of white blood cells, a major finding that could one day lessen the likelihood of heart attack, stroke and dying from the flesh-eating disease. His lab also solved the genetic mystery of how a common, contagious cold virus carried by 70% of the human population triggers heart disease. The findings will help predict who is at serious risk of cardiovascular disease and how it can be prevented.




    28. Test met vaccins bij gemetasteerde borstkanker in Amerika

    Bron: seniorenweb:

    Aan de Universiteit van North Carolina in de Verenigde Staten zijn deze maand de eerste klinische tests gestart met een vaccin dat zou kunnen ingezet worden in de strijd tegen gemetastaseerde of uitgezaaide borstkanker. Dat meldt het Journal of the American Medicial Association. Het vaccin bestaat ondermeer uit bepaalde eiwitten die in borstkankercellen worden gevonden. Bedoeling van het vaccin is het eigen immuunsysteem te stimuleren waardoor de kankercellen worden gedood. Momenteel zijn 25 patiënten bij het experiment betrokken dat gedurende twee jaar zal lopen.

    De onderzoekers hopen met het vaccin vrouwen met geavanceerde borstkanker te kunnen behandelen waarbij de huidige behandelingsmethoden slechts tijdelijke verbeteringen oplevert.

     




    29. Aan/uitknop  (telemarese) ontdekt voor zelfmoord kankercellen

    Schotse onderzoekers meldden afgelopen week dat ze een manier hebben gevonden die kankercellen aanzet tot zelfmoord. Nu is dit bericht niet direct interessant omdat er gesproken wordt over twee tot drie jaar voor er trials komen met mensen en nog eens twee tot drie jaar verder voordat een eventuele behandeling geënt op telomarese beschikbaar komt. Het bijzonder aan dit bericht is dat onderzoekers eindelijk schijnen te hebben ontdekt waarom kankercellen gewoon doordelen en welk 'mechanisme' daarvoor verantwoordelijk is. een soort aan/uitknop is ontdekt in de cellen. En dat maakt het m.i.  waardevol daar kennis van te nemen. Onderstaand is het persbericht van Reuters:

    Thursday, Nov 22 2001

    Telomerase-specific suicide gene therapy approach yields promising
    results
    Last Updated: 2001-11-21 19:01:45 EST (Reuters Health) - 
    UK researchers said on Thursday they have developed a promising new type of gene therapy that specifically targets cancer cells and may also be useful for a number of different types of cancer.

    The team at Scotland's largest cancer research organisation, the Beatson Laboratories in Glasgow, said it had exploited the fact that the telomerase gene is switched on in over 80% of human cancers but is usually turned off in normal tissue.

    Cancer cells need telomerase to be turned on, since it allows them to divide beyond their allotted life-span.
    The scientists, who described the breakthrough in the journal Oncogene, copied the on-switch for telomerase and combined it with the nitroreductase gene. This gene converted an alkylating agent called CB1954 from its inactive form into a toxic drug that rapidly killed cancer cells.
    Healthy cells were left unharmed because they did not switch on the
    nitroreductase gene and so did not activate the CB1954 prodrug.
    Team leader Dr. W. Nicol Keith told Reuters Health that in pre-clinical
    laboratory tests the gene therapy proved effective against colon, lung, ovarian, bladder and cervical cancer cells. "We suspect it will work against a far broader range of cancers than that, including breast cancer."
    Having shown "proof of principle", he said the next step was to look for pharmaceutical company partnership.
    "We are actively discussing taking this research forward with a number of companies." If all goes well, human clinical trials might start in 2 or 3 years, with the therapy potentially reaching the market 5 years later.

    "I feel very strongly that our research represents a potential breakthrough, with implications for the treatment of a variety of common cancers," Dr. Keith commented in a news release from the Cancer Research Campaign, which is funding the research.
    "People have discussed similar kinds of gene therapy system before, but we've now made significant progress by moving from talking about the theory to actually killing cancer cells in a very efficient manner."

    "With a bit of genetic trickery, we've managed to fool cancer cells to their doom without harming normal cells. I'm optimistic that we could soon have targeted treatments that spare cancer patients the side effects that many suffer today."
    "The beauty of the system is its versatility," Dr. Keith said. "We can use it as a way of aiming treatments at cancer cells, but the particular treatment...can vary depending on the type of cancer."

    Oncogene 2001;20:00




    30. Wetenschappelijke onderzoekers blijken nauwe banden met pharmaceutische industrie te hebben blijkt uit onafhankelijk onderzoek

    Uit een onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek, gepubliceerd en uitgevoerd door JAMA, een grote invloedrijke Amerikaanse organisatie van  medici, blijkt dat publicisten (en dus wetenschappelijk onderzoekers) van onderzoeksgegevens van studies bij veel voorkomende ziektes nauwe banden hebben met het bedrijf waarvan een bepaald product wordt onderzocht. Maar liefst meer dan 50% van deze onderzoekers gaf aan dat zij betaald werden door de farmaceutische industrie of nog erger dat zij een (deeltijd) baan hadden bij het bedrijf waarvan zij het product onderzochten. 

    Nu hebben de laatste tijd ook medische tijdschriften als The Lancet al hierover gepubliceerd en dit aan de kaak gesteld, maar weinigen in Nederland zullen weten of dat durven uitspreken. Want alle artsen weten dat bv. alle academische ziekenhuizen miljoenen guldens krijgen voor de trials die uitgevoerd worden met chemo enz. bij kankerpatiënten. Elke patiënt die door de oncoloog als ongeneeslijk wordt bestempeld krijgt meestal als aanbod een palliatieve chemo. Daarmee komt de patiënt als die dat wil ( en wie wil dat niet als er tegen je verteld wordt dat je dan misschien, let op misschien,  nog wel een jaartje langer langer kan leven) automatisch in een trial terecht. Daarvoor ontvangt dan het ziekenhuis duizenden guldens per patiënt van de farmaceutische industrie. Want stel dat er ergens een medicijn wordt gevonden tegen kanker dan gaan de patenten daarop een veelvoud aan geld opleveren uiteraard. Een mooi voorbeeld is de promotie van Gleevec die wereldwijd wordt gepropageerd en dat op basis van een Phase I onderzoek. Het bedrijf heeft in vier maanden tijd met Gleevec US$ 86 millioen verdiend. When Gleevec was first approved last year, Novartis and public health officials considered it a breakthrough, and the company said it was testing the drug on 15 to 20 other cancers. So far, the drug is approved in 60 countries. In its first four months on the market, Gleevec pulled in $86 million for Novartis

    Publicaties zoals onderstaand in JAMA vind ik dan ook wel dapper.

    Relationships Between Authors of Clinical Practice Guidelines and the Pharmaceutical Industry 


    Niteesh K. Choudhry, MD, FRCPC; Henry Thomas Stelfox, MD, FRCPC; Allan S. Detsky, MD, PhD, FRCPC 


    Context Increasing contact has been reported between physicians and the pharmaceutical industry, although no data exist in the literature regarding potential financial conflicts of interest for authors of clinical practice guidelines (CPGs). These interactions may be particularly relevant since CPGs are designed to influence the practice of a large number of physicians.

    Objective To quantify the extent and nature of interactions between authors of CPGs and the pharmaceutical industry.

    Design, Setting, and Participants Cross-sectional survey of 192 authors of 44 CPGs endorsed by North American and European societies on common adult diseases published between 1991 and July 1999. One hundred authors (52%) provided usable responses representing 37 of 44 different CPGs that we identified.

    Main Outcome Measures Nature and extent of interactions of authors with drug manufacturers; disclosure of relationships in published guidelines; prior discussion among authors regarding relationships; beliefs regarding whether authors' own relationships or those of their colleagues influenced treatment recommendations in guidelines.

    Results Eighty-seven percent of authors had some form of interaction with the pharmaceutical industry. Fifty-eight percent had received financial support to perform research and 38% had served as employees or consultants for a pharmaceutical company. On average, CPG authors interacted with 10.5 different companies. Overall, an average of 81% (95% confidence interval, 70%-92%) of authors per CPG had interactions. Similarly, all of the CPGs for 7 of the 10 diseases included in our study had at least 1 author who had some interaction. Fifty-nine percent had relationships with companies whose drugs were considered in the guideline they authored, and of these authors, 96% had relationships that predated the guideline creation process. Fifty-five percent of respondents indicated that the guideline process with which they were involved had no formal process for declaring these relationships. In published versions of the CPGs, specific declarations regarding the personal financial interactions of individual authors with the pharmaceutical industry were made in only 2 cases. Seven percent thought that their own relationships with the pharmaceutical industry influenced the recommendations and 19% thought that their coauthors' recommendations were influenced by their relationships.

    Conclusions Although the response rate for this survey was low, there appears to be considerable interaction between CPG authors and the pharmaceutical industry. Our study highlights the need for appropriate disclosure of financial conflicts of interest for authors of CPGs and a formal process for discussing these conflicts prior to CPG development.

    JAMA. 2002;287:612-617

    Author/Article Information

    Author Affiliations: Departments of Medicine (Drs Choudhry, Stelfox, and Detsky) and Health Policy, Management and Evaluation (Dr Detsky), University of Toronto, and Department of Medicine, University Health Network and Mount Sinai Hospital (Drs Choudhry and Detsky), Toronto, Ontario; and the PhD Program in Health Care Policy, Harvard University, Boston, Mass (Drs Choudhry and Stelfox). 

    Corresponding Author and Reprints: Allan S. Detsky, MD, PhD, FRCPC, Mount Sinai Hospital, Room 427, 600 University Ave, Toronto, Ontario, Canada M5G 1X5. 
    Author Contributions: Study concept and design: Choudhry, Stelfox, Detsky.

    Acquisition of data: Choudhry, Detsky.

    Analysis and interpretation of data: Stelfox, Choudhry.

    Drafting of the manuscript: Choudhry, Detsky.

    Critical revision of the manuscript for important intellectual content: Choudhry, Stelfox, Detsky.

    Statistical expertise: Stelfox.

    Obtained funding: Detsky.

    Administrative, technical, or material support: Choudhry, Detsky.

    Study supervision: Detsky.

    Disclaimer: This study received no financial support from the pharmaceutical industry.

    Acknowledgment: We thank the guideline authors, in particular those who responded to 2 surveys and those who participated in interviews, for their assistance and honesty. We are also indebted to Darren Merker, Kevin Lumb, Kevin Schwartz, Heather Smith-St. Kitts, and Kimberley Britnell for their invaluable assistance with data collection and survey administration.

    Financial Disclosures: Drs Choudhry and Stelfox have attended numerous Department of Medicine educational rounds sponsored by the pharmaceutical industry. Dr Detsky has received honoraria for speeches, consulting fees, and research grants from pharmaceutical manufacturers.




    31. Leven met kanker, een internationaal congres op 6 april 2002

    d.d. 9 mei 2002: Voor wie wil kan ik u de letterlijke teksten van deze dag die door de sprekers zijn uitgesproken digitaal toesturen. Stuurt u maar een mailtje

    LEVEN MET KANKER
    zaterdag 6 april 2002, Rotterdam
    Wat is kanker? Wat doet het met je? Hoe kun je ermee omgaan? Wat kun je ertegen doen? Op deze conferentie vertellen gerenommeerde artsen uit binnen- en buitenland over veelbelovende mogelijkheden van aanvullende therapieën. Want hoewel een wondermiddel tegen kanker nog niet voorhanden is, bestaan er effectieve behandelingen aansluitend op het gangbare medische circuit. En dat geeft hoop. Het zal een inspirerende dag worden. Voor iedereen die meer wil weten over wat te doen bij kanker. De voertaal is Engels.

    'Leven met kanker' is een initiatief van Stichting Op Weg Met Ode, in samenwerking met Stichting Nationaal Fonds tegen Kanker voor onderzoek naar reguliere en alternatieve therapieën.

    PROGRAMMA
    09.00 10.00 Ontvangst met koffie en thee.
    10.00 10.10 Opening conferentie door Jurriaan Kamp, hoofdredacteur van Ode.
    10.10 10.20 Inleiding dagvoorzitter dr Bart van der Lugt. 
    10.20 11.00 Dr Rosy Daniel 'An Overview of the Holistic Approach to Cancer'
    11.00 11.40 Dr Patrick Kingsley'The Life is in Your Hands' 
    11.40 12.00 Vragen uit de zaal.
    12.00 12.15 Neel Buys van Stichting Nationaal Fonds tegen Kanker voor onderzoek naar reguliere en alternatieve therapieën, vertelt over de stappen die mensen met kanker in Nederland kunnen nemen.
    12.15 13.30 Lunch.
    13.30 14.15 Het persoonlijke verhaal van iemand die kanker heeft overwonnen. Meer informatie volgt. 
    14.15 14.50 Lothar Hirneise 'The 3E-programme'
    14.50 15.10 Vragen uit de zaal.
    15.10 15.30 Pauze.
    15.30 16.10 Dr Engelbert Valstar 'Complementaire middelen met vaststaande effectiviteit'
    16.10 16.50 Grace Gawler'Living well with cancer: hope, options & empowerment in action'
    16.50 17.10 Vragen uit de zaal.
    17.10 17.45 Samenvatting en afsluiting door dr Bart van der Lugt.
    17.45 18.30 Borrel.

    SPREKERS


    DR ROSY DANIEL
    Dr Rosy Daniel was vijf jaar lang medisch directeur en tien jaar lang algemeen directeur van het Bristol Cancer Help Centre, dat internationaal toonaangevend is op het gebied van de combinatie van reguliere en aanvullende behandelingen van kanker. Rosy Daniel is een veelgevraagd spreker. Haar warme persoonlijkheid en grote ervaring zijn buitengewoon inspirerend. Zij publiceerde verschillende boeken, waaronder het vorig jaar verschenen The Cancer Prevention Book. Thans is Rosy Daniel freelance consultant. 


    DR PATRICK KINGSLEY
    Dr Patrick Kingsley leidt al twintig jaar een eigen kanker kliniek in Engeland. Hoewel Patrick Kingsley zegt niet mee te doen aan 'het spel der statistieken', kan niemand er omheen dat zijn aanpak buitengewoon succesvol is. Wellicht omdat hij de volledige ziektegeschiedenis van de patiënt in ogenschouw neemt. En hoewel hij een gepassioneerd arts is met een groot hart voor zijn patiënten, laat hij de verantwoordelijkheid voor de ziekte en de keuzes voor welzijn waar deze horen: bij de patiënt zelf. Thans werkt Kingsley aan een test die in een zeer vroeg stadium kan uitwijzen of kanker actief is.

    LOTHAR HIRNEISE
    Lothar Hirneise is voorzitter van de Duitse afdeling van People Against Cancer. Wereldwijd heeft hij honderden therapieën tegen kanker onderzocht en gesproken met honderden patiënten die de ziekte hebben overwonnen. Een gedreven en kundig verteller met een positieve blik op 'leven met kanker'. 
    Zie ook: www.krebstherapien.de <http://www.krebstherapien.de>.


    DR ENGELBERT VALSTAR
    Dr Engelbert Valstar is arts en bioloog en wordt algemeen gezien als een van Europa's grootste autoriteiten op het gebied van het genezen en behandelen van kanker. Engelbert Valstar bevindt zich voortdurend in de voorste linies van baanbrekend onderzoek en aanvullende methoden. Hij heeft de laatste onderzoeken altijd binnen handbereik. Thans legt hij de laatste hand aan een boek met twaalfhonderd verwijzingen naar belangwekkende onderzoeken. Dr Valstar heeft een eigen praktijk in Den Haag. 


    GRACE GAWLER
    Grace Gawler is medeoprichter van de Gawler Foundation, in Australië dé pionierende organisatie op het gebied van complementaire geneeskunde. In ruim 25 jaar werkte zij met meer dan 5000 kankerpatiënten. Grace Gawler - in Australië een begrip - is een veelgevraagd en uitmuntend spreker. Zij adviseert het Australische ministerie van gezondheid en schreef onder meer 'Gevangen in Stilte' (uitgeverij Ankh-Hermes) over de transformatie van emoties bij de genezing van borstkanker. 


    DR BART VAN DER LUGT, dagvoorzitter
    Dr Bart van der Lugt is gynaecoloog. Hij is ook voorzitter van de Elisabeth Kübler Ross Stichting en van het Centrum ter Ondersteuning van Mensen met Kanker te Rotterdam. Hij stond aan de wieg van de belangwekkende The Hospital as a Temple conferenties en geldt als een ideale trait d'union tussen de reguliere en de complementaire wereld. Bart van der Lugt is lid van de Britse Council of Scientific and Medical Network.

    'Leven met kanker' heeft plaats in de Laurenskerk in Rotterdam op zaterdag 6 april 2002. De kosten van deelname bedragen Î 55,- (fl. 120,-) inclusief lunch en borrel. U kunt zich aanmelden voor het congres 'Leven met kanker' door naar de website van ODE te gaan en daar u in te schrijven.

    Overigens kunt u op die website nog de artikelen van het novembernummer lezen en eventueel downloaden.




    32. Effect van telomareseremmers groot in 14 studies bij muizen

     

    Het bedrijf Geron (zie adresgegevens onderaan dit bericht), gespecialiseerd in gentherapie, meldt opzienbare successen met telomareseremmers (vnl. virussen) bij proeven en studies met muizen. Op de jaarlijkse Universade van de Amerikaanse Vereniging Gentherapie zal op 6 juni a.s. een lezing gehouden worden waarbij 14 studies de opmerkelijke resultaten zullen tonen. Hoewel ik me realiseer dat deze middelen nog lang niet voor patiënten beschikbaar komen is dit toch wel een opmerkelijk bericht, zeker omdat steeds meer doorsijpelt dat bepaalde virussen en bv. ook middelen als celebrex een minimaal net zo groot effect hebben als chemo of bestraling maar met veel minder of soms helemaal geen bijwerkingen. Hier het Engelstalige persbericht van het bedrijf Geron.

    Geron's Telomerase Promoter to be Highlighted At
    the Annual Meeting of the American Society of Gene Therapy

    American Society of Gene Therapy

    MENLO PARK, Calif.--(BW HealthWire)--May 30, 2002--

    14 Abstracts Highlight the Universality of Telomerase
    Promoter-Based Therapies and Telomerase for Treatment of Cancer

    Geron Corporation (Nasdaq:GERN) announced today that 14 studies showcasing the
    effectiveness and universality of the telomerase promoter technology, telomerase
    and associated gene therapies will be presented next week at the 5th annual
    meeting of the American Society of Gene Therapy (ASGT) at the John B. Hynes
    Memorial Convention Center in Boston, Mass., June 5-9.
    Human telomerase is comprised of two essential components: the gene for the
    RNA component (hTR) and the gene for the enzymatic protein component (hTERT).
    The hTERT promoter is responsible for controlling telomerase expression in a
    cell. Nine of the 14 studies by Geron, one of Geron's partners, and several
    independent groups of academic researchers, highlight the advantages of the
    telomerase (hTERT) promoter to control a variety of oncolytic or cancer-killing
    viruses.
    All types of human cancers express telomerase, while most normal cells do not.
    For this reason, a cancer-killing therapy controlled by the hTERT promoter can
    target any type of tumor, whether delivered locally or systemically, while
    leaving normal cells unharmed.
    Among the ASGT highlights is an oral presentation on Thursday, June 6 that
    will review results of pre-clinical data and present additional information on
    Geron's oncolytic adenovirus containing a critical viral gene, called E1A, under
    the control of the hTERT promoter for the potential treatment of variety of
    cancers.
    In the described studies, mice with pre-existing human liver and prostate
    cancer were treated with the hTERT promoter-based conditionally replicative
    adenovirus. Updated analysis of the data indicates that 80-90 percent of the
    treated mice showed significant tumor regression after treatment with the
    telomerase promoter-controlled virus. In 43 percent of liver-cancer bearing
    mice, tumors regressed completely and the mice remained tumor free for the full
    study duration. Additionally, 50 percent of the prostate cancer bearing mice
    became tumor free and remained so over the next test period. The findings show
    how an oncolytic virus, when controlled by the telomerase promoter, can
    effectively kill a wide variety of human cancer cell types and therefore could
    be used to treat many types of cancers. An initial report of the pre-clinical
    studies featuring Geron's hTERT promoter was presented at the American
    Association for Cancer Research held in April 2002.
    "We are pleased with our presence at ASGT this year and the range of studies
    -- 14 in total -- covering the use of telomerase and the telomerase promoter.
    These positive results re-affirm the research community's view of the telomerase
    promoter as the universal 'promoter of choice' for targeting a wide range of
    tumor types," said Thomas Okarma, Ph.D., M.D., Geron's president and chief
    executive officer. "We expect product development efforts and partnership
    activities to increase as many of the ongoing studies with our telomerase
    promoter technology continue to advance and validate our own efficacy and safety
    data. We also look forward to the continued sharing of our knowledge and
    expertise in telomerase, which we believe is the most highly specific and
    universal 'engine' to drive the future development of successful anti-cancer
    therapies."
    Geron has been a leader in the field of telomerase and cancer research since
    the early 1990s, when it initiated research to explore how telomerase is
    abnormally reactivated in all cancer types during tumor progression. These early
    research efforts led to the successful cloning of two essential components of
    human telomerase: the gene for the RNA component of human telomerase (hTR) in
    1994; and in 1997, the gene for the enzymatic protein component (hTERT). Geron's
    intellectual property portfolio includes issued and pending patent applications
    on the use of the hTERT promoter in cancer-killing genes and viruses, cancer
    diagnostics based on detecting the expression of telomerase in cancer cells, the
    use of telomerase as a cancer vaccine, and telomerase inhibitors for use as
    cancer therapeutics. Geron also owns issued U.S. patents and/or pending patent
    applications directed to both small molecules and oligonucleotide template
    antagonist telomerase inhibitors, as well as particular nucleic acid chemistry
    developed at Geron. Overall, Geron's telomerase-based technology is supported by
    a broad intellectual patent portfolio of more than 75 issued or allowed U.S.
    patents, 49 granted or accepted foreign patents and over 190 patent applications
    pending around the world.
    The Geron abstract, which is available upon request or in the ASGT abstract
    program book, is:

    1. Abstract #51: A Conditionally Replicative Adenovirus Driven by
    the Human Telomerase Promoter Provides Broad-Spectrum
    Anti-Tumor Activity (Oral presentation session by Dr. John
    Irving of Geron Corporation, Menlo Park, Thursday, June 6 at
    1:45 p.m. EST, Room 310);

    As part of ASGT's Education program during the conference, Geron will also
    participate in an education session on stem cells. The session will feature
    discussion on the pros and cons of embryonic stem and adult stem cells as well
    as review some recent studies on stem cell plasticity. Issues concerning gene
    transduction of stem cells will also be presented.
    Geron's presentation entitled, Human Embryonic Stem Cells: Applications for
    the Treatment of Degenerative Diseases, will be presented as part of the session
    on Wednesday, June 5, at 8:30 p.m.
    EDT.

    Telomerase Promoter-Oncolytic Viruses

    Geron's oncolytic (cancer-killing) virus therapies utilize the telomerase
    promoter and an adenovirus, one of the viruses responsible for the common cold.
    The telomerase promoter-driven oncolytic virus is engineered to selectively
    multiply in and destroy targeted cancer cells expressing telomerase, leaving
    normal tissues (which are telomerase negative) unharmed. The virus multiplies
    until the cancer cell can no longer contain the virus and bursts or is otherwise
    killed. The tumor cell is destroyed and the newly created viruses spread to
    neighboring cancer cells, repeating the same cancer-killing cycle. Telomerase
    promoter-driven oncolytic viruses have the potential to treat many types of
    primary and metastatic cancers.

    Geron is a biopharmaceutical company focused on developing and commercializing
    therapeutic and diagnostic products for applications in oncology and
    regenerative medicine, and research tools for drug discovery. Geron's product
    development programs are based upon three patented core technologies:
    telomerase, human embryonic stem cells and nuclear transfer.

    This news release may contain forward-looking statements made pursuant to the
    "safe harbor" provisions of the Private Securities Litigation Reform Act of
    1995. Investors are cautioned that such forward-looking statements in this press
    release regarding future applications of Geron Corporation's technology
    constitute forward-looking statements involving risks and uncertainties,
    including, without limitation, risks inherent in the development and
    commercialization of potential products, dependence on collaborative partners,
    and the maintenance of our intellectual property rights. Actual results may
    differ materially from the results anticipated in these forward-looking
    statements. Additional information on potential factors that could affect our
    results and other risks and uncertainties are detailed from time to time in
    Geron's periodic reports, including the quarterly report on Form 10-Q for the
    quarter ended March 31, 2002.

    Additional information about the company can be obtained at
    http://www.geron.com.

    CONTACT: Geron Corporation
    Laura Zobkiw, 650/473-7765




    33. Gentherapie succesvol toegepast bij vier kinderen met ongeneeslijke immuunziekte 

     

    April 2002: Zoals iedereen heeft kunnen lezen heeft het Nederlandse jongetje dat in eerste instantie ook genezen leek van Scid met gentherapie een vorm van leukemie ontwikkeld. Wereldwijd is daar enorm veel aandacht aan gegeven omdat in eerste instantie leek dat de genbehandeling de oorzaak zou zijn geweest. Maar later bleek dat in de familie van  het jongetje kanker voorkwam en zou zijn leukemie daardoor zijn veroorzaakt. Wereldwijd zijn verschillende onderzoeksprogramma's naar gentherapie, o.a. een trial met tien nierkankerpatiënten in Rotterdam stopgezet. Overigens inmiddels zijn al 11 kinderen met Scid  - gentherapeutisch behandeld zoals het Nederlandse jongetje en zijn 9 van de 11 kinderen genezen van hun dodelijke SCID. Ergens anders heb ik gelezen dat er 14 van de 15 zijn genezen, maar kan niet zo snel dit bericht terugvinden. Dat is ook de reden dat nu in Amerika is gepleit voor het hervatten van de trials met gentherapie. Ik zal nog informatie vragen in Rotterdam of ook daar die trial opnieuw wordt voortgezet. Zie hieronder het bericht over het verzoek van hervatting aan de FDA van de trials gemeld via Nature.

    Bron: Nature:

    Despite evidence that a gene-therapy experiment caused a 3-year old boy to develop a leukaemia-like illness, a government advisory panel encouraged the United States Food and Drug Administration (FDA) to reinstate three similar experiments that have been suspended since September, when the child became sick.

    The trial involved patients with severe combined immune deficiency (SCID) of the common -chain — a rare X-linked disorder in which mature T cells and natural-killer cells fail to develop. Patients received autologous haematopoietic stem cells that had been transduced ex vivo with a retroviral vector encoding the common -chain. A report published in April 2002 showed that the deficiency had been corrected in 9 out of 11 patients.

    Retroviruses are risky gene-therapy vectors because they can insert into the genome in or near an oncogene or tumour-suppressor gene and disrupt its expression or function. In this case, the retroviral vector inserted into the DNA region that regulates the gene LMO2 — a site associated with a number of T-cell acute-lymphoblastic-leukaemia-specific translocations. The defective immune cells in this patient express LMO2, indicating that the retroviral vector activated the gene.

    The retrovirus was probably not the sole factor in the boy's illness, as the family has a history of cancer. The National Institutes of Health's Recombinant DNA Advisory Committee is preparing a broad review of the case this December.

    Bron: NEJM en Volkskrant van zaterdag 20 april 2002

    Vier van de vijf kinderen met de dodelijke immuunziekte Scid zijn definitief genezen door een succesvolle toepassing van gentherapie, aldus een publicatie in The New England Journal of Medicine van 18 april 2002. Een van de kinderen is een Nederlands jongetje dat behandeld is door immunologen in het Wilhelmina kinderziekenhuis van het UMCU (Utrecht). De kinderen kregen hun behandeling in eerste instantie in een Parijs ziekenhuis op een leeftijd van 1 tot 11 maanden. Scid is een aangeboren afwijking en normaal gesproken voor deze kinderen dodelijk omdat hun immuunsysteem nagenoeg geen lymfocyten (afweercellen) heeft. De kinderen kunnen alleen leven in een volkomen steriele omgeving en een infectie overleven deze kinderen niet. De kinderen worden ook wel bubble babies genoemd omdat ze altijd in een steriele luchtbel moeten leven. Scid wordt in feite veroorzaakt door het ontbreken van een bepaald gen. Bij de succesvolle gentherapie werden afgetapte beenmergcellen in contact gebracht met een genetisch gemanipuleerd virus waarin het ontbrekende gen werd verstopt. De behandelde cellen werden daarna bij de kinderen ingespoten, die darmee het ontbrekende gen kregen toegediend. Tot nu toe werd alleen een beenmergtransplantatie uitgevoerd met wisselend succes. Nu met deze gentherapie lijkt een behandeling gevonden die veruit superieur is aan de beenmergtransplantatie. Het vijfde kind dat zou worden behandeld is door een TBC-infectie op het moment van toediening alleen met een beenmergtransplantatie behandeld en volgens de onderzoekers ook aan de beterende hand.

    Nu is Scid geen leukemie of andere vorm van kanker maar gezien de verwantschap met bv.bepaalde vormen van leukemie en het onderzoek naar gentherapie daarmee lijkt me dit resultaat van groot belang, ook voor kankerpatiënten en zeker voor leukemiepatiënten. Zie verder informatie over gentherapie enz. op pagina leukemie




    34. Combinatietherapie met enzym galactoside lijkt tumorweefel aan te pakken en gezond weefsel te sparen

     

    Zowel de website van Nature als het NRC meldt dat onderzoekers van de universiteit van Göttingen (Duitsland) een nieuwe combinatietherapie hebben gevonden, waarbij het enzym galactosidase een bepalende rol speelt. Zie hier beide artikelen:

    A new drug turns lethal only when it reaches cancer cells. In healthy cells it is harmless. Though not yet shown to work in humans, it is a step towards a magic bullet to knock out tumour cells selectively, with minimal side effects.

    The drug works in mice implanted with human tumours, say chemists Lutz Tietze and colleagues at the University of Gottingen in Germany. Before being treated with the drug, the mice are given an enzyme to activate it that sticks only to the human tumour cells, ignoring healthy mouse cells. So the drug is safe until the enzyme activates it in the tumour. Then it destroys the cancerous cells.

    The researchers report that the tumours shrank without inducing any visible side effects in the mice. They think that the same principles could be used in people. The activating enzyme could be tailored to latch onto malignant tissues and bypass normal human cells.

    "We are now in contact with the pharmaceutical industry, and will start clinical tests", says Tietze.

    Magic bullet

    Most existing chemotherapy is toxic to normal cells as well as cancerous ones. This causes severe side effects, such as a depressed immune system. Cancer researchers long for a magic bullet: a drug that works only where it is needed.

    The warhead of the Gottingen antitumour molecule is a ring of three carbon atoms. This ring is highly strained and apt to burst open. Open, it is a reactive molecule that wreaks havoc among the nucleic acid molecules essential for normal cell function. The chemists copied this trick from a highly toxic antibiotic produced by a fungus.

    So that their molecular bomb does not detonate everywhere in the body, the team have made a 'prodrug'. This is like the natural antibiotic but without the strained ring and with a sugar safety-catch. Once the sugar is clipped off, the molecule rearranges itself into a three-atom ring, and proceeds to do its toxic business.

    Tietze's team uses an enzyme to cut away the sugar safety-catch. An antibody on the enzyme acts as a tumour-specific hook. Such antibodies linked to toxic or radioactive molecules have long been explored for making magic-bullet drugs; none has yet found clinical use.

    The advantage of this enzyme-activated approach, originally developed in the 1980s, is that the drug isn't even activated until it reaches the target site. The selectivity of the damage still depends on antibody's ability to hook onto the right cells, and on the absence of other enzymes in the body that also activate the prodrug.

    Whether the idea will work cleanly enough in humans remains to be seen.

    References
    1. Tietze, L. F. et al . Proof of principle in the selective treatment of cancer by antibody-directed enzyme prodrug therapy: the development of a highly potent prodrug. Angewandte Chemie International Edition, 41, 759 - 761, (2002).

     

    Bron: NRC d.d. 2 maart 2002. Door Rob van den Berg.

    Een nieuw type kankermedicijn dat alleen in tumoren actief wordt, kan de vervelende bijwerkingen van chemotherapie voorkomen.

    De nieuwe therapie bestaat uit twee componenten: een inactief medicijn en een enzym dat het middel alleen in kankercellen inschakelt. Het nieuwe celgroeiremmende medicijn richt geen schade aan in gezond weefsel, zodat de patiënt gevrijwaard blijft van haaruitval, darmproblemen en bloedarmoede.

    Artsen en scheikundigen van de universiteit van Göttingen hebben de combinatie-therapie inmiddels met succes beproefd op muizen bij wie menselijk tumorweefsel was geïmplanteerd: de tumoren werden kleiner zonder dat schadelijke neveneffecten optraden. De methode kan nu in principe ook op kankerpatiënten worden uitgeprobeerd (Angewandte Chemie, 27 februari).

    Het enzym galactosidase, dat van nature niet aanwezig is in lichaamscellen, vormt de schakelaar voor het kankermedicijn. Toen de onderzoekers alleen de inactieve vorm van het geneesmiddel bij muizen injecteerden, gebeurde er niets. Door ze galactosidase toe te dienen activeerden de Duitse onderzoekers het medicijn. Dat gebeurde specifiek in kankercellen, omdat het enzym was gekoppeld aan een antilichaam dat aan tumorcellen hecht: dit antilichaam leidde de galactosidase naar de juiste plaats.

    De inspiratiebron voor het nieuwe middel was een krachtig antibioticum afkomstig uit de schimmel Streptomyces zelensis. Dit ingewikkelde molecuul bevat onder meer een zeer reactieve ring van drie koolstofatomen, waarmee het DNA aanvalt en celgroei tegengaat. Het Duitse onderzoeksteam bouwde een chemisch verwante verbinding, maar dan zonder reactieve koolstofring. Op een strategische plaats zetten ze een suikermolecuul (galactose) aan het synthetische antibioticum. Het suikermolecuul voorkomt de spontane vorming van de reactieve koolstofring. Zodra het suikermolecuul wordt verwijderd, bijvoorbeeld door de werking van het enzym galactosidase, ontstaat een verbinding die even reactief is als het natuurlijke antibioticum.

    Dat deze methode ook voor kankermedicijnen werkte, bleek door een sterke afname van de grootte van (humane) tumoren die waren geïmplanteerd in de longen van muizen. Bij de muizen van een niet-behandelde controlegroep overwoekerden soortgelijke tumoren op den duur de gehele long.

    Om de methode geschikt te maken voor toepassing op patiënten, zijn antilichamen nodig die onderscheid kunnen maken tussen gezond en kwaadaardig weefsel. Voor verschillende soorten tumoren zijn die al beschikbaar en in sommige gevallen maakt de tumor zelf het galactosidase in voldoende grote hoeveelheden aan.

    Zowel de website van Nature als het NRC meldt dat onderzoekers van de universiteit van Göttingen (Duitsland) een nieuwe combinatietherapie hebben gevonden, waarbij het enzym galactosidase een bepalende rol speelt. Zie hier beide artikelen:

    A new drug turns lethal only when it reaches cancer cells. In healthy cells it is harmless. Though not yet shown to work in humans, it is a step towards a magic bullet to knock out tumour cells selectively, with minimal side effects.

    The drug works in mice implanted with human tumours, say chemists Lutz Tietze and colleagues at the University of Gottingen in Germany. Before being treated with the drug, the mice are given an enzyme to activate it that sticks only to the human tumour cells, ignoring healthy mouse cells. So the drug is safe until the enzyme activates it in the tumour. Then it destroys the cancerous cells.

    The researchers report that the tumours shrank without inducing any visible side effects in the mice. They think that the same principles could be used in people. The activating enzyme could be tailored to latch onto malignant tissues and bypass normal human cells.

    "We are now in contact with the pharmaceutical industry, and will start clinical tests", says Tietze.

    Magic bullet

    Most existing chemotherapy is toxic to normal cells as well as cancerous ones. This causes severe side effects, such as a depressed immune system. Cancer researchers long for a magic bullet: a drug that works only where it is needed.

    The warhead of the Gottingen antitumour molecule is a ring of three carbon atoms. This ring is highly strained and apt to burst open. Open, it is a reactive molecule that wreaks havoc among the nucleic acid molecules essential for normal cell function. The chemists copied this trick from a highly toxic antibiotic produced by a fungus.

    So that their molecular bomb does not detonate everywhere in the body, the team have made a 'prodrug'. This is like the natural antibiotic but without the strained ring and with a sugar safety-catch. Once the sugar is clipped off, the molecule rearranges itself into a three-atom ring, and proceeds to do its toxic business.

    Tietze's team uses an enzyme to cut away the sugar safety-catch. An antibody on the enzyme acts as a tumour-specific hook. Such antibodies linked to toxic or radioactive molecules have long been explored for making magic-bullet drugs; none has yet found clinical use.

    The advantage of this enzyme-activated approach, originally developed in the 1980s, is that the drug isn't even activated until it reaches the target site. The selectivity of the damage still depends on antibody's ability to hook onto the right cells, and on the absence of other enzymes in the body that also activate the prodrug.

    Whether the idea will work cleanly enough in humans remains to be seen.

    References
    1. Tietze, L. F. et al . Proof of principle in the selective treatment of cancer by antibody-directed enzyme prodrug therapy: the development of a highly potent prodrug. Angewandte Chemie International Edition, 41, 759 - 761, (2002).

     

    Bron: NRC d.d. 2 maart 2002. Door Rob van den Berg.

    Een nieuw type kankermedicijn dat alleen in tumoren actief wordt, kan de vervelende bijwerkingen van chemotherapie voorkomen.

    De nieuwe therapie bestaat uit twee componenten: een inactief medicijn en een enzym dat het middel alleen in kankercellen inschakelt. Het nieuwe celgroeiremmende medicijn richt geen schade aan in gezond weefsel, zodat de patiënt gevrijwaard blijft van haaruitval, darmproblemen en bloedarmoede.

    Artsen en scheikundigen van de universiteit van Göttingen hebben de combinatie-therapie inmiddels met succes beproefd op muizen bij wie menselijk tumorweefsel was geïmplanteerd: de tumoren werden kleiner zonder dat schadelijke neveneffecten optraden. De methode kan nu in principe ook op kankerpatiënten worden uitgeprobeerd (Angewandte Chemie, 27 februari).

    Het enzym galactosidase, dat van nature niet aanwezig is in lichaamscellen, vormt de schakelaar voor het kankermedicijn. Toen de onderzoekers alleen de inactieve vorm van het geneesmiddel bij muizen injecteerden, gebeurde er niets. Door ze galactosidase toe te dienen activeerden de Duitse onderzoekers het medicijn. Dat gebeurde specifiek in kankercellen, omdat het enzym was gekoppeld aan een antilichaam dat aan tumorcellen hecht: dit antilichaam leidde de galactosidase naar de juiste plaats.

    De inspiratiebron voor het nieuwe middel was een krachtig antibioticum afkomstig uit de schimmel Streptomyces zelensis. Dit ingewikkelde molecuul bevat onder meer een zeer reactieve ring van drie koolstofatomen, waarmee het DNA aanvalt en celgroei tegengaat. Het Duitse onderzoeksteam bouwde een chemisch verwante verbinding, maar dan zonder reactieve koolstofring. Op een strategische plaats zetten ze een suikermolecuul (galactose) aan het synthetische antibioticum. Het suikermolecuul voorkomt de spontane vorming van de reactieve koolstofring. Zodra het suikermolecuul wordt verwijderd, bijvoorbeeld door de werking van het enzym galactosidase, ontstaat een verbinding die even reactief is als het natuurlijke antibioticum.

    Dat deze methode ook voor kankermedicijnen werkte, bleek door een sterke afname van de grootte van (humane) tumoren die waren geïmplanteerd in de longen van muizen. Bij de muizen van een niet-behandelde controlegroep overwoekerden soortgelijke tumoren op den duur de gehele long.

    Om de methode geschikt te maken voor toepassing op patiënten, zijn antilichamen nodig die onderscheid kunnen maken tussen gezond en kwaadaardig weefsel. Voor verschillende soorten tumoren zijn die al beschikbaar en in sommige gevallen maakt de tumor zelf het galactosidase in voldoende grote hoeveelheden aan.




    35. Angiostatine en endostatine lijken bij muizen voor tumorremming en sterfte te zorgen aldus nieuwe studies

    Het bedrijf Entremed laat vandaag d.d. 7 juni 2002 weten dat preklinische studies met muizen de goede werking van angiostatine en endostatine bevestigen. Zoals u misschien weet lopen er in het UMC  Utrecht en de VU trials met deze twee middelen bij kleine groepen patiënten met o.a. alvleesklierkanker en eierstokkanker.

    -- PRESS RELEASE: Cell Genesys, EntreMed Report On Studies --
    Cell Genesys and EntreMed Report Positive Preclinical Studies Of
    Antiangiogenesis Gene Therapy

    BOSTON, June 6 /PRNewswire-FirstCall/ -- Cell Genesys, Inc. (Nasdaq: CEGE) and
    EntreMed, Inc. (Nasdaq: ENMD) today reported encouraging preclinical data
    demonstrating that the systemic delivery of the Angiostatin gene, an
    angiogenesis inhibitor gene that blocks the growth of tumor blood vessels,
    significantly decreased tumor burden and increased survival in multiple types of
    cancer in preclinical animal studies. In these studies, EntreMed's Angiostatin
    gene was combined with Cell Genesys' adeno-associated viral (AAV) gene delivery
    system. A single injection of Angiostatin-AAV gene therapy resulted in at least
    50 percent tumor reduction and prolongation of survival in a highly aggressive
    mouse tumor model of metastatic melanoma and reduction in tumor burden in
    various other tumor models including lung, pancreatic, breast and prostate.
    Stable levels of Angiostatin were measured in serum throughout the duration of
    the study (as long as 120 days following the gene therapy treatment), and the
    treatment was well tolerated with no evidence of toxicity. These data were
    presented by Karin Jooss, Ph.D., associate director of preclinical oncology at
    Cell Genesys, at the American Society of Gene Therapy Meeting (ASGT) in Boston,
    MA.
    The Angiostatin-AAV gene therapy demonstrated the most significant evidence
    of antitumor activity of the various combinations of angiogenesis inhibitor
    genes and gene delivery vectors tested which also included studies with Cell
    Genesys' adenoviral vector and EntreMed's Endostatin gene. In a melanoma model,
    lung tumor metastases were reduced by more than 75 percent in animals treated
    with Angiostatin-AAV. Survival was prolonged to 120 days -- approximately
    four-fold longer than the control group's survival. Additionally, in a mouse
    model of spontaneous pancreatic cancer, Angiostatin- AAV decreased tumor burden
    by more than 30 percent. Inhibition of primary tumor progression was also
    observed in mouse models of breast cancer, lung cancer and prostate cancer. In
    all studies, the angiogenesis inhibitor gene therapy was delivered systemically
    by a single intravenous injection. Additional preclinical studies are under way
    including studies with Angiostatin-AAV and Endostatin-AAV in combination with
    chemotherapy.
    "We are encouraged by the preclinical data we have observed to date with
    Angiostatin-AAV gene therapy particularly with respect to the broad range of
    tumor types inhibited," stated Peter K. Working, Ph.D., vice president, research
    and development at Cell Genesys. "Cell Genesys' preclinical programs in cancer
    gene therapy combined with the company's extensive clinical programs for
    multiple GVAX(R) cancer vaccines and oncolytic virus therapies further
    demonstrate the depth of the company's product pipeline in cancer."
    Dr. Ed Gubish, EntreMed President and Chief Operating Officer, commented,
    "Today's data demonstrating up to a 50 percent tumor reduction in preclinical
    models further validates numerous other scientific reports that gene therapy
    effectively delivers angiogenesis inhibitors, particularly Angiostatin,
    systemically. We congratulate Cell Genesys for a developing such a high quality
    scientific program and conducting such sound research." Dr. Gubish continued,
    "Delivery of EntreMed's angiogenesis inhibitor genes via gene delivery systems
    complements our current clinical program where patients currently self-inject
    our angiogenesis proteins."
    Angiostatin is a naturally occurring protein that has been shown to block
    tumor growth by preventing angiogenesis, the development of blood vessels that
    supply the tumor with blood. Direct administration of Angiostatin was shown to
    be safe and well tolerated in EntreMed's Phase I clinical trials in multiple
    types of cancer. Phase II trials are scheduled to begin later this summer.
    Cell Genesys' proprietary AAV gene delivery system, which has previously been
    shown to deliver genes safely and efficiently in a wide range of studies, is
    being used to deliver the antiangiogenic genes and may provide added benefit
    over direct administration of the proteins. Gene delivery systems are the means
    by which therapeutic genes are introduced into target cells or tissues to
    induce a therapeutic effect and are a critical component of any successful gene
    therapy. AAV vectors are capable of delivering genes into the DNA of target
    cells, enabling potentially permanent gene expression.


    36 16 zorginstellingen krijgen licentie voor revalidatieprogramma voor kankerpatiënten

    Persbericht van Stichting Herstel en Balans ongewijzigd hier geplaatst d.d. 4 oktober 2002: 


    16 zorginstellingen krijgen licentie voor uitvoering revalidatieprogramma voor kankerpatiënten

    Op 10 oktober 2002 verstrekt de Stichting Herstel & Balans aan 16 zorginstellingen de eerste licenties voor het uitvoeren van het revalidatieprogramma Herstel & Balans voor kankerpatiënten. Herstel & Balans is een nieuw nazorgprogramma voor kankerpatiënten waarvan het concept in 1996 is ontwikkeld en dat inmiddels op diverse locaties in Nederland wordt aangeboden. In 2001 namen ruim 400 patiënten deel aan het programma. Zorginstellingen kunnen dit programma in licentie aanbieden als zij voldoen aan de kwaliteitseisen die de stichting stelt.

    Als gevolg van de gestegen genezingspercentages en de langere levensduur van kankerpatiënten neemt het belang van goede nazorg en revalidatie toe. Veel kankerpatiënten kampen met een verminderde conditie en vermoeidheidsklachten, maar hebben ook moeite hun leven opnieuw vorm te geven. Kanker is een ingrijpende ziekte die voor de patiënt en zijn sociale omgeving een grote psychische en sociale impact heeft. Het programma Herstel & Balans biedt kankerpatiënten naast begeleiding bij hun fysieke herstel ook psychosociale begeleiding.

    Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat het volgen van het revalidatieprogramma voor kankerpatiënten leidt tot een belangrijke verbetering van de kwaliteit van hun leven en tot vermindering van hun vermoeidheidsklachten. Ex-deelnemers zijn zo enthousiast over het programma dat velen doorgaan met sporten en met elkaar contact blijven houden. Hiervoor hebben zij de patiëntenvereniging Verder in Balans opgericht.

    De Stichting Herstel & Balans wil ervoor zorgen dat het revalidatieprogramma een structurele voorziening voor kankerpatiënten in Nederland wordt, die overal in het land wordt aangeboden en ook structureel gefinancierd wordt, zodat alle patiënten die voor dit programma in aanmerking komen daar ook gebruik van kunnen maken. De stichting, waarin de Vereniging van Integrale Kankercentra, de Vereniging van Revalidatie-instellingen in Nederland (VRIN) en de Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenverenigingen (NFK) participeren, staat door de uitgifte van licenties garant voor de kwaliteit van het aangeboden programma. 

    De uitreiking van de licenties vindt plaats op het symposium "Herstel & Balans, van concept naar licentie", dat op 10 oktober 2002 van 15.30 tot 17.00 uur gehouden wordt in Hoog Brabant, Radboudkwartier 23 te Utrecht. Het symposium is bestemd voor beleidsmakers en zorginstellingen betrokken bij revalidatie voor kankerpatiënten. 

    Het revalidatieprogramma herstel & balans bestaat uit een lichaamstraining en psycho-educatie en wordt uitgevoerd in reguliere revalidatie- en bewegingscentra. Het programma duurt drie maanden en er zijn gemiddeld per week twee à drie bijeenkomsten van zo'n twee uur. Kankerpatiënten kunnen deelnemen op verwijzing van de behandelend arts. Voor informatie kunnen patiënten terecht bij het integraal kankercentrum in de regio.

    Meer informatie

    Wilt u meer informatie over het symposium of over het programma Herstel & Balans, dan kunt u contact opnemen met Brigitte Gijsen, projectleider, Integraal Kankercentrum Limburg, tel. 043-3254059 of Klaas van Noord, persvoorlichter, Vereniging van Integrale Kankercentra, tel. 030-2343780.




    37. Eiwitmolecuul Src lijkt verantwoordelijk voor verspreiding van kankercellen (uitzaaiingen)

    De BBC meldt dat onderzoekers in het Beatson Instituut te Glasgow een eiwitmolecuul -SRC genoemd - ontdekt hebben dat verantwoordelijk lijkt voor de verspreiding van kankercellen. Dit eiwit lijkt de buitenste wand van een tumor zodanig te verzwakken dat kankercellen gemakkelijk uit kunnen breken en zich daardoor door de rest van het lichaam kunnen verspreiden. Het onderzoek zou van groot belang kunnen zijn om nieuwe medicijnen te vinden die dit proces veroorzaakt door dit eiwit kunnen stoppen.

    Hierbij hoe de BBC berichtte over dit nieuws:

    The way cancer spreads round the body has become clearer thanks to a breakthrough by scientists. They have discovered that a key protein molecule - called Src - helps to loosen the structure of tissues surrounding a tumour, opening the way for cancer cells to spread around the body. 

    The discovery at Glasgow's Beatson Institute could lead to new drugs that block this action and prevent cancer spreading. Improving our understanding of how cancer spreads should help in the development of drugs to block the process. However, until now nobody knew exactly what it did. 

    Cells in healthy tissues are bound together by a number of molecules that work as a set of scaffolding. During the development of cancer the scaffolding breaks down and tissues become loose and disorganised. Src seems to play a key role in this process. The molecule is vital for maintaining the flexibility of healthy tissues and making sure there's plenty of space for future growth. But during the development of cancer it becomes over active and begins to disrupt a tissue's normal structure. 

    Lead researcher Professor Margaret Frame said: "We were pretty sure that Src played an important role in bowel cancer, but untangling the precise nature of that role has taken a long time. "We've now found that the molecule triggers several different chemical signals, affecting cells in a variety of ways. "Designing drugs to intercept these signals could be an important way of preventing bowel cancer from spreading." Professor Frame and her colleagues found that Src sends out instructions for the removal of a molecule called E-cadherin from the surface of cells. E-cadherin is a vital component of the scaffolding that holds cells together and without it a tissue's structure becomes disrupted. 

    Src appears to work with another set of molecules - called integrins - to form a new and much looser type of tissue structure that helps bowel cancer cells to move and spread. 
    Professor Frame said: "Improving our understanding of how cancer spreads should help in the development of drugs to block the process. 

    "If we could confine cancer cells to the original tumour it would give surgery a much greater chance of success and reduce the risk of the disease reappearing in other parts of the body." When detected early bowel cancer is often curable, since most of the cancer cells remain within the original tumour, where they can be removed by surgery. But over time, cells start to move away from the tumour into the bloodstream and lymphatic system, which act as highways to the rest of the body. Once bowel cancer has spread, the chances of successful treatment are much lower. 

    The research is published in the journal Nature Cell Biology. 


     

    38. Erbitux gaf hoopvolle resultaten maar wordt van de markt afgehaald door FDA wegens verkeerde procedure aanvraag

    Een schrijnend voorbeeld hoe commerciële belangen bepalen of een middel dat in eerdere trials aantoonde hoopgevend te zijn toch van de markt werd afgehaald. Het gaat om het middel Erbitux, ook wel bekend onder de naam C-225. Een zogenaamd monoklonaal middel. Erbitux blokkeert een groeifactor van kankercellen genaamd EGFR. Ik weet niet precies wat dat inhoudt, maar het komt erop neer dat deze blokkade kankercellen belet te groeien, waardoor er vanzelf een apoptosisproces (zelfmoord) van de kankercel optreedt. Dit werd aangetoond in Phase II trials met kankerpatiënten waar de chemo irinotecan (ook een hoopgevend middel) had gefaald. Het bedrijf dat Erbitux produceert had deze trials georganiseerd en toestemming aangevraagd op basis van een behandeling samen met een chemo. Later bleek dat het middel op zich alleen ook voor hoopgevende resultaten zorgde. Maar dat vond de FDA niet goed want zo was de aanvraag niet ingediend. Dus de toestemming voor Phase III trials werden ingetrokken, met gevolg dat dit middel nu niet meer in trials mag worden uitgeprobeerd, ondanks hoopgevende resultaten. Hieronder een artikel zoals dit is gepubliceerd op de website van Nature dat voor zichzelf spreekt. Persoonlijk vind ik dit toch werkelijk  onvoorstelbaar, maar het lijkt erop dat alles dat hoopgevend is snel de kop wordt ingedrukt en allemaal heeft het m.i. te maken met geld, geld en nog eens geld.

    Promising drug is victim of bad business 

    It's disappointing to see any medicine fail in clinical trials: patient hopes are dashed, drug companies lose out on their investment and scientists have to return to the drawing board. The setback in trials of colon cancer drug Erbitux provides a poignant example of the first two conditions, but, conversely, it is also an example of successful biomedical research.


    Erbitux, also known as C-225, was developed by New York–based ImClone Systems and, after demonstrating strong potential in Phase II trials, was backed last September by pharmaceutical giant, Bristol–Myers Squibb (BMS) in a record-setting $2 billion licensing deal.

    On 28 December, ImClone announced on that it had received a 'refusal to file' letter from the US Food and Drug Administration (FDA), and claimed that the letter merely requested additional documentation from the drug's earlier clinical trial. But alleged excerpts from the document, published in The Cancer Letter (4 January 2002) contradicted that view, suggesting instead that an entirely new trial was required, and that ImClone had known for over a year that its proposed trial would not meet FDA standards.

    Investors were startled and more bad news followed. In late January, ImClone announced that it was the target of investigations by the US Securities and Exchange Commission, the Department of Justice, and a Congressional subcommittee, and nearly two dozen class-action lawsuits have been filed by shareholders accusing flamboyant CEO Sam Waksal and his brother Harlan of insider trading and fraud.

    Some ImClone board members, including the president of the M.D. Anderson Cancer Center in Texas, John Mendelsohn, also served on the board of the troubled Houston energy company Enron, thus thrusting ImClone's troubles into the spotlight of a major political scandal. Last month, BMS was fighting to restructure its deal and to oust the Harlan brothers. ImClone shares have sunk from an early December high of $75 to around $17.

    Ironically, Erbitux may be a victim of its own potency. The drug is a hybrid monoclonal antibody against epidermal growth factor receptor (EGFR), a signaling receptor required for growth by many types of cancer cells. Erbitux appears to prevent tumor growth by blocking EGFR. In the Phase II trial that formed the basis of ImClone's FDA application, patients who had failed to respond to the established chemotherapy drug irinotecan, received a combination of irinotecan and Erbitux. And because of irinotecan's high toxicity, the FDA seems to have requested a large-scale trial using Erbitux alone.

    But having Erbitux show efficacy by itself would be bad business for ImClone. "Genentech has a patent that basically covers any chimeric antibody [used by itself]", explains Jason Zhang, an analyst at Stephens Inc. However, ImClone holds a patent for combination treatments using an anti-EGF antibody with chemotherapy, so "if they prove this combination therapy works they will probably make a strong argument that they are not infringing Genentech's patent." However, licensing the monotherapy patent from Genentech—which is developing competing EGFR-targeting drugs—could cost Imclone dearly.

    Several oncologists who have conducted trials for ImClone declined to comment on the record, but some told Nature Medicine that recent news about the company's alleged bad business practices is eroding the credibility of clinical research. One scientist, speaking on condition of anonymity, summed up the prevailing view: "EGFR is an exciting area and this drug clearly has clinical activity. It's a shame that all this controversy, much of it outside the realms of the clinic, will derail the path of a drug which could have such benefits for the patients."




    39. Onderzoekers vinden enzym dat verantwoordelijk lijkt voor ontwikkeling bij 50% van kankersoorten

    Het bedrijf Cell Therapeutics, Inc. uit Seattle kwam afgelopen dagen met het nieuws naar buiten dat zij een enzym (lysophosphatidic acid acyltransferase-beta (LPAAT-beta) hebben ontdekt dat verantwoordelijk lijkt voor de ontwikkeling van het kankerveroorzakende gen, genaamd ras oncogen. Dit gen komt aldus de onderzoekers uit Seattle voor bij 50% van alle kankersoorten, waaronder longkanker, eierstokkanker enz. De behandeling en bestrijding van de oorzaken van dit ras oncogen heeft volgens de onderzoekers wereldwijd nog geen resultaat opgeleverd. Met deze nieuwe bevindingen zou het nu gemakkelijker worden dit gen te reguleren en het enzym op te sporen. Volgens de onderzoekers hebben eerste proeven met  tumor ingespoten muizen bewezen dat bepaalde molecuulachtige stoffen ontwikkeld door dit bedrijf de werking van dit enzym lysophosphatidic acid acyltransferase-beta (LPAAT-beta) belemmerd of op zijn minst onderdrukt, want de muizen ontwikkelden geen verdere kanker en bleven op gewicht. Aldus nog steeds de onderzoekers zou deze vinding voor veel kankersoorten een uitkomst zijn. Voor wie meer informatie wil kan contact opnemen met de producent en onderzoekers. Mail ons maar en ik stuur u de adresgegevens van deze organisaties/bedrijven. Zie hieronder het volledige Engelstalige persbericht.

    SEATTLE, Feb. 7 /PRNewswire-FirstCall/ -- In five presentations made at the Keystone Conferences on Lipid Signaling and Angiogenesis, scientists from Cell Therapeutics, Inc. (CTI) (Nasdaq: CTIC) described a novel target for anti-cancer therapy that they have identified and validated. The target, an enzyme known as lysophosphatidic acid acyltransferase-beta (LPAAT-beta), is required for the activity of a major cancer-causing gene, known as the ras oncogene. This oncogene is believed to be involved in at least 50 percent of all tumor types, including cancers of the lung, colon, pancreas and brain.
    "None of the approaches to targeting the ras oncogene, including farnesyl transferase inhibitors and the use of anti-sense technology, have yet proven successful," said Jack Singer, M.D., Executive Vice President, Research Chair at CTI. "Our findings provide strong evidence that LPAAT-beta is an appropriate target for intervention and that it may be possible to develop traditional small molecule drugs that target LPAAT-beta and have a broad and specific spectrum of activity against many tumors."
    At the Keystone meetings, CTI investigators reported that LPAAT-beta function appears to be essential for the ability of the ras oncogene to enhance the cancer-causing potential of cells. Ras activates a process in the cell (known as a signaling cascade) that leads to uncontrolled growth of tumor cells and it has been a major target for therapeutic intervention in cancer. CTI scientists presented data showing that LPAAT-beta is highly expressed in cancer tissues, but produced in very low levels by normal tissues. High levels of LPAAT-beta expression were observed in nearly all tested cases of prostate, lung, ovarian, cervical, brain and colon cancers. CTI also found that LPAAT-beta is highly expressed by tumor endothelial cells (i.e., cells that make up the lining of blood vessels), which suggests that suppressing LPAAT-beta might have anti-angiogenic effects.
    Chemists at CTI have synthesized small molecules that specifically inhibit LPAAT-beta at extremely low concentrations. These compounds cause apoptosis (programmed cell death) in a wide variety of tumor cell lines, including those from patients with cancers of the breast, prostate, lung and colon, as well as from leukemias and lymphomas. In preliminary studies in tumor-bearing mice, the compounds demonstrated anti-tumor effects with no overt effects on normal tissues even at very high doses. In addition, the mice maintained stable body weight.
    "The identification of LPAAT-beta as a new target for anti-cancer therapies is exciting because it represents a new method of attacking a major cancer-causing pathway and may provide a unique target for developing drugs to treat prostate, lung, brain and pancreatic cancers," said Dr. Singer from  Cell Therapeutics, Inc.
    Based in Seattle, CTI is a biopharmaceutical company committed to developing an integrated portfolio of oncology products aimed at making cancer more treatable. 




    40. Radiogolven -ultra sound - beschadigt  tumoren zodanig dat ze zelfmoord plegen in laboratoriumproeven bij muizen
     

    Een m.i. bepaalde vorm van RFA toont  in laboratoriumproeven hoopgevende resultaten bij muizen. Aldus artikel uit The New Scientist d.d. 29-01-2003.

    Ultrasound blasts away tumour cells 

    19:00 29 January 03 

    Exclusive from New Scientist Print Edition 

    An experimental technique that destroys cancer cells without drugs, surgery or radiation is showing promise in the lab. British company Gendel says that it has used blasts of ultrasound to destroy tumour cells in mice.

    Can a two-pronged effect shrink tumours? 
    Gendel has been quietly refining its procedure for two years - and hopes that if human trials are successful when they start in two years' time, its technology may lead to a non-invasive cancer therapy for tackling tumours that are hard to treat conventionally, such as those of the head and neck.

    The technique relies on the application of an electric field to a tumour to make it susceptible to a follow-up blast of ultrasound. The combination appears to cause tumour cells to self-destruct.

    The combined electric field and ultrasound (CEFUS) technology is based on a similar procedure Gendel - based in Coleraine, Northern Ireland - is developing to deliver drugs to difficult-to-reach parts of the body using a patient's own red blood cells as a drug shuttle.

    Once "sensitised" outside the body with an electric field, the membranes of the red blood cells become permeable, in a process known as electroporation, and can be filled with a drug before they are returned to the patient. When ultrasound is beamed at the site where the drug is needed, the sensitised cells burst open, spilling the drug in the right place.

    Porous cells 

    As the blood-based idea progressed to the stage where it will be tested later in 2003 in people for the first time, Gendel founders Tony McHale and Les Russell wondered if it would be possible to destroy tumour cells with the same combination of electric field and ultrasound.

    It worked both on tumour cells in vitro, and more recently on tumours in at least 50 mice. A slight tumour regrowth was eliminated by boosting electric field and ultrasound levels.

    But the Gendel team still does not know why the porous cells rupture when exposed to ultrasound. Neither treatment works on its own (see graph). Maybe the electric field makes the tumour cells permeable, so the cell is that little bit weaker when exposed to ultrasound, says McHale. Whatever the mechanism, Gendel believes the combined effect is to induce the cells to self-destruct.

    If the technology ever becomes viable, Gendel hopes to treat both accessible tumours, such as those on the skin, as well as those on the gullet and mouth. For external applications, the electric field could be applied using conductive adhesive pads. For internal use, needle electrodes would be used.

    "The tissue simply disappears and gets absorbed back into the body," says Russell. The aim is to produce a portable device with disposable electrodes that contains kit for both internal and external procedures. Aside from time for anaesthesia, the whole procedure would probably take little more than five minutes.

    Collateral damage

    The electrosensitisation process might need to be applied under local anaesthetic. But the ultrasound fields applied - though stronger than those used to image babies in the womb - are of a strength routinely applied to muscles in sports medicine.

    Gendel's equipment would be tuned to deliver an appropriate dose of ultrasound to the tumour mass, but some healthy cells would inevitably be hit too. However, Russell points out that conventional surgery and radiation therapy have the same collateral damage problem.

    But many cancer treatments have shown promise in animals only to fail in humans. Reinforcing the need for scepticism at this very early stage, a spokesman for Cancer-Research UK says Gendel's work should be treated with "absolute caution" until more information is available. 

    Andy Coghlan




    41 NCCAM stelt 1 miljoen dollar beschikbaar voor commisie die twee jaar lang analyses gaat maken van effectieve complementaire behandelingen

    In Nederland organiseerde de Vereniging tegen Kwakzalverij recent twee symposia in een poging de politiek en inspectie te beïnvloeden om homeopaten en alternatief genezers - kwakzalvers volgens Verenigingsnormen - hun artsenlicentie te ontnemen en uit de Nederlandse gezondheidszorg te weren. Ik zal daar later nog eens wat meer over schrijven na mijn bezoek aan zo'n symposium, waar ik met verbijstering zie en hoor hoe Nederlandse artsen, hoogopgeleid en op cruciale posities in Academische ziekenhuizen woorden als fascist in een profiel van homeopaat/alternatief genezer op een diascherm durven projecteren op zo'n openbare bijeenkomst enz. Maar daarover later mee.


    In Amerika pakken ze het anders aan. Daar stelt het NCCAM, het Nationale Centrum voor Complementaire en Alternatieve Medicijnen, een afdeling van het NCI, 1 miljoen dollar beschikbaar voor een tweejarig project dat onderzoek en analyses gaat maken naar complementaire behandelingen en medicijnen. Dit project is een aanvulling op het vijfjarenplan van de NCCAM dat onderzoek doet met honderden trials naar de effecten van alternatieve en complementaire behandelingen. In dit nieuwe project worden geen nieuwe trials opgezet, maar worden de effecten van de keuzes van Amerikaanse patiënten, die uit zijn gemond in complementaire behandelingen/medicijnen van de afgelopen jaren geanalyseerd. En wordt ook gekeken hoe het komt dat bepaalde complementaire behandelingen zo moeilijk in te passen zijn in studies volgens de wetenschappelijke normen van reguliere behandelingen. In de commissie die dit allemaal gaat onderzoeken zitten 16 experts uit verschillende conventionele en complementaire disciplines bij elkaar. Het doel/de hoop is dat dit onderzoek voldoende op zal leveren om op een goede manier wetenschappelijk onderzoek te kunnen doen naar complementaire behandelingen en het aanbod aan effectieve complementaire behandelingen meer op de wensen van de patiënten af te stemmen. Als Stichting Gezondheid Actueel zijn we al een tijdje bezig om ook iets soortgelijks in Nederland van de grond te krijgen en ik durf te zeggen dat we best wel vorderingen maken, maar nog niet zover zijn als in Amerika. Maar hopelijk helpt ook deze publicatie ons verder. Zie onder deze publicatie ook hoe in Amerika gedacht wordt over een andere manier van wetenschappelijk onderzoek naar complementaire geneeswijzen en medicijnen.


    22/10/02 - The US' National Center for Complementary and Alternative Medicine (NCCAM) is to fund an Institute of Medicine (IOM) study investigating the implications of complementary and alternative medicine (CAM) used by the American public. Costing $1 million, the nearly two-year study, will be conducted by the IOM, part of the National Academies.

    The IOM will assemble a panel of approximately 16 experts from a broad range of CAM and conventional disciplines, such as behavioural medicine, internal medicine, nursing, epidemiology and pharmacology.
    This panel will assess research findings, hold workshops, and invite speakers to discuss issues, with the aim of providing a comprehensive overview of the use of CAM therapies by the American public and also to identify significant scientific and policy issues related to CAM research, regulation, integration, training and certification. They will also seek to develop a conceptual framework to help guide decision-making on these issues and questions.

    The need for the study emerged from discussions among members of the Trans-Agency CAM Coordinating Committee, chaired by Dr Stephen E. Straus, the NCCAM director. The Committee felt that the IOM had the expertise to critically consider questions of CAM research and policy.

    "Americans use CAM therapies in record numbers," said Straus. "The IOM's report will give us a clearer understanding of the scope of CAM use by Americans, as well as CAM's public health impact, and scientific and policy issues that will better inform our research decisions."

    The IOM study will not however conduct new surveys of the public regarding CAM use, but instead gather and analyse existing data. It also plans to address issues, such as the methodological difficulties in evaluating some CAM therapies, how the different CAM professions are regulated in the US and the policy and regulatory issues regarding licensing and certifying CAM practitioners.

    The information generated by the IOM panel should complement the recommendations of the White House Commission on Complementary and Alternative Medicine Policy released earlier this year, said the study organisers. Panel members are currently being recruited. 




    42 Nieuw middel dat bloedtoevoer blokkeert in vorm van vaccin zorgt bij proeven met muizen voor goede resultaten

     

    Het Medisch tijdschrift Nature Medicine (DOI:10.1038/nm794) meldt een bijzonder resultaat in een trial met muizen met een vaccin dat de bloedtoevoer naar specifiek kankercellen afsluit. Ongeacht welke vorm van kanker. De bloedtoevoer naar de gezonde cellen blijft gewoon normaal doorgaan. Dr. Ralph Reisfeld van het Scripps Onderzoeks Insituut in La Jolla Californië vertelt dat zij het gen voor een eiwit genaamd FLK-1 hebben toegevoegd aan Salmonellabacteriën. Daarmee werden muizen gevoed die van tevoren waren ingespoten met long- en huidkankercellen (melanoomcellen). De tumoren groeiden bij de gevaccineerde muizen slechts tot een kwart van de grootte die ontstond bij niet gevaccineerde muizen. Ook waren er gevaccineerde muizen bij die helemaal geen tumoren ontwikkelden.

    In een andere proef werden muizen die al darmkanker met uitzaaiingen in de longen hadden ook gevaccineerd. Geen enkele van deze gevaccineerde muizen overleed. Slechts enkele hadden lichte longschade opgelopen. De niet-gevaccineerde muizen overleden allemaal. Dat het vaccin ook een preventieve werking had en bewaard bleek in het lichaam van de muizen bleek uit een ander trial. de muizen die eerder herstelden met dit vaccin van kanker werden opnieuw ingespoten met kankercellen 10 maanden na de eerdere proef. Geen enkele van de behandelde muizen ontwikkelde kanker. Volgens dr. Reisfeld heeft het vaccin het immuunsysteem dusdanig geactiveerd/geprogrammeerd dat de T-cellen van het afweersysteem de informatie tegen lichaamsvreemde cellen blijft onthouden. Dus zodra deze kankercellen opnieuw in het lichaam komen/ontwikkelen ruimen deze T-cellen direct de kankercellen op. 10 maanden bij een muis staat volgens Dr. Reisfeld gelijk aan een half mensenleven. Een bijzondere ontdekking dus dit vaccin. 

    Cancer vaccine shuts off blood supply 

    The latest cancer vaccine has an unexpected target - it triggers an immune system attack on growing blood vessels rather than tumours. This cuts off the blood supply cancers need to grow. Cancer cells have evaded previous vaccines by constantly mutating, but the new vaccine avoids this by targeting the healthy blood vessel cells associated with the tumours. And the same vaccine could be given to everyone, instead of having to be tailored to target specific cancers. 

    Trials of drugs that block the growth of tumour blood vessels have not been very successful, and the drug has to be taken continuously. But one dose of the vaccine might provide long-term protection, the latest experiments suggest. To design the vaccine, Ralph Reisfeld, at the Scripps Research Institute in La Jolla, California, and his colleagues added the gene for a protein called FLK-1, which is found on cells in new blood vessels, to Salmonella bacteria. The bacteria were then fed to mice. When the animals were injected with skin and lung cancer cells, the resulting tumours grew to only a quarter of the size of those in unvaccinated mice. "We saw tumours vanish or we could not detect them anymore, and we saw tumours that took longer to grow," says Niethammer.

    Half a lifetime 

    The researchers also vaccinated mice with colon cancer that had already spread to the lungs. All treated mice survived, despite some lung damage, but the untreated mice all died. 
    Tumours often escape the effect of anti-cancer drugs if they are sheltered by a mass of scar tissue or the blood-brain barrier. But Reisfeld says that the immune system's killer T cells can reach growing blood vessels no matter where the tumour is.

    The vaccine also gives long-term protection. It was just as effective in mice that were injected with cancer cells 10 months after immunisation. "The beautiful thing about T cells is that they have a memory," says Reisfeld. "And 10 months in a mouse is almost half its lifetime."

    The only side effect the researchers detected was that wounds took longer to heal. But cancer vaccine expert Jeffrey Schlom of the National Cancer Institute near Washington DC warns that careful safety studies will be needed before the vaccine is given to people.

    Journal reference: Nature Medicine (DOI:10.1038/nm794) 




    43. Kleine medische ingrepen in het buitenland moeten voortaan volledig vergoed worden door ziektekostenverzekeraars

     

    In alle media wordt vandaag d.d. 13 mei 2003 en onderstaand artikel is gekopieerd uit de NRC melding gemaakt van de uitspraak van het Europese Hof van Justitie die kleine operaties en medische ingrepen in het buitenland toestaat en moeten nu volledig door ziektekostenverzekeraars worden vergoed. Dit gekoppeld aan de uitspraak van mei 2001 waarin dit zelfde Europese Hof voor jurisprudentie zorgde door te verklaren dat alle medische behandelingen die niet in Nederland maar wel in het buitenland verkrijgbaar zijn en op z'n minst een waarde hebben bewezen veelbelovend te zijn ook volledig moeten worden betaald/vergoed. Zo weet ik dat RFA in principe altijd vergoed zal moeten worden, alleen zal uw oncoloog mee moeten werken en moet dit vooraf bij uw ziektekostenverzekeraar aangevraagd worden.

    Bron: NRC d.d. 13 mei 2003.

    Uitspraak Europees Hof van Justitie

    Patiënt mag zorg in buitenland halen

    Door een onzer redacteuren


    ROTTERDAM, 13 MEI. Patiënten in de Europese Unie hebben geen voorafgaande toestemming van hun ziekenfonds nodig voor een eenvoudige medische behandeling (zonder ziekenhuisopname) in een ander land dan hun thuisland.

    Dat is de strekking van het arrest dat het Europese Hof van Justitie in Luxemburg vanmorgen heeft gewezen in twee zaken van Nederlandse patiënten. Het arrest wordt van belang geacht voor de bewegingsvrijheid van patiënten bij eenvoudige medische behandelingen (buiten het ziekenhuis).

    Het arrest betekent dat patiënten gemakkelijker over de grens kunnen omzien naar eenvoudige medische zorg op kosten van hun ziekenfonds. Daarbij valt onder andere te denken aan medische zorg van huisartsen, fysiotherapeuten en tandartsen.

    Nederland en de Nederlandse ziekenfondsen hebben zich steeds verzet tegen meer bewegingsvrijheid voor patiënten om over de grens medische zorg te zoeken, al werden onder druk van wachtlijsten wel contracten gesloten met buitenlandse ziekenhuizen voor behandeling van Nederlandse patiënten. Het ministerie van Volksgezondheid wilde vanmorgen nog niet reageren op het arrest.

    Tot dusver krijgen patiënten eenvoudige medische zorg in een ander EU-land alleen vergoed als zij voor zo'n behandeling van hun ziekenfonds voorafgaande toestemming hebben gekregen. Maar volgens het Hof is deze toestemmingseis bij extramurale zorg onrechtmatig, omdat zij in strijd is met het vrije verkeer van diensten binnen de Europese Unie.

    Ziekenfondsen mogen, aldus het Hof, wel een maximum stellen aan vergoedingen van extramurale zorg in het buitenland, en ze mogen bij bezoek aan een buitenlandse specialist ook een doorverwijzing van de 'eigen' huisarts verlangen. De raadsman van de betrokken ziekenfondsen, mr.J.K. de Pree, beklemtoonde vanmorgen in een eerste reactie het belang van deze beperkingen.

    Niet alleen Nederland hanteert een eis van voorafgaande toestemming voor medische zorg in het buitenland. In Denemarken, Duitsland, Groot-Brittannië, Ierland, Italië, Spanje en Zweden bestaan vergelijkbare regelingen. De betekenis van het arrest van het Luxemburgse Hof reikt dan ook verder dan het Nederlandse stelsel.

    Eerder (in 2001) bepaalde het Hof dat de eis van voorafgaande toestemming wel is te billijken als het gaat om ziekenhuisopname in een ander EU-land. Daarbij zijn volgens het Hof zulke grote risico's voor de nationale zorgstelsels (financieel, planning, kwaliteit) in het geding, dat het vrije verkeer van diensten wel mag worden belemmerd door voorafgaand toestemming te eisen.

    De Nederlandse staat noch de ziekenfondsen hebben, aldus het Hof, aannemelijk gemaakt dat het Nederlandse zorgstelsel grote risico's loopt als patiënten in het buitenland mogen shoppen voor eenvoudige medische zorg op kosten van hun ziekenfonds.




    44. Honden kunnen wellicht vroegtijdig prostaatkanker opsporen en worden daarvoor afgericht

    Een berichtje in de media dat al eens eerder in de publiciteit is gekomen namelijk dat honden afgericht worden om prostaatkanker op te sporen. Laten we hopen dat ze hun tanden op elkaar houden als ze dicht bij hun doel zijn (sorry soms wordt ik een beetje lacherig van dit soort berichten en gaat mijn fantasie een beetje op hol, hoewel het natuurlijk heel serieus is want honden hebben een heel grote reukzin, dus wie weet). Wellicht is het beter prostaatkanker te voorkomen door een kleine aanpassing aan uw voeding en leefstijl bv. wat vaker tomaten gesmoord in olijfolie te eten of een simpele vitamine E-400 te nemen per dag. zodat de hond wellicht nooit nodig zal zijn, zie pagina kankersoorten-prostaatkanker

    LONDEN - Honden kunnen zo worden afgericht dat ze de eerste tekenen van prostaatkanker kunnen opsporen. Dat is de overtuiging van onderzoekers van de universiteit en het Adenbrookes-ziekenhuis in Cambridge, meldde de krant The Sunday Times. "Wij gaan honden zo africhten dat ze aan de urine van mannen kunnen ruiken of die prostaatkanker hebben", zei dr. Barbara Sommerville tegen de krant.

    Sommerville vertelde dat de wetenschappers de overheid om geld hebben gevraagd om een proef van een jaar te kunnen uitvoeren. In die tijd gaan zij Duitse herders en labradors leren de geur te herkennen van urine waarin stoffen zitten die ontstaan door de kanker. Na de opleiding moeten de honden een examen doen, waarbij zij hun bekwaamheid moeten bewijzen door uit honderden urinestalen de juiste keuze te maken.

    Onderzoekers in de Verenigde Staten hadden al in 1989 ontdekt dat honden met hun gevoelige neus huidkanker kunnen opsporen. Hoe zij dat kunnen is niet bekend, maar het heeft vermoedelijk iets te maken met de eiwitten en enzymen die kankercellen produceren.

    Honden worden wegens hun superieure reukvermogen gebruikt voor het opsporen van bommen, drugs, lichamen en gaslekken. De honden die kanker moeten opsporen, worden op dezelfde manier afgericht. Als zij een verborgen buisje met een speciale stof of geur opsporen, krijgen zij een beloning.




    45. Nieuw middel tegen kanker geclaimd. (CTI-2501)

    Het Canadese farmaceutische bedrijf Lorus claimt na succesvol onderzoek bij muizen dat zij een nieuw middel hebben ontdekt tegen allerlei soorten kanker. We hebben inmiddels contact opgenomen en zijn in overleg met dit bedrijf voor meer en gedetailleerdere informatie. 

    Toch willen we hun persbericht niet onthouden, hoewel we er bij aantekenen dat dit bedrijf alle belang erbij heeft om zoveel mogelijk positieve publiciteit te maken en we nog niet hebben kunnen checken of dit bericht positief is gekleurd door de persvoorlichters van het bedrijf. Gezien de recente ontwikkelingen in Nederland betreffende de invloed van de farmaceutische industrie op de gezondheidszorg en voorschrijvende artsen/specialisten, 21 juni jl. blootgelegd door ZEMBLA (zie kanker en media) worden we nog voorzichtiger met 'nieuwe doorbraken' te melden. Maar bijzonder is dit bericht wel omdat het claimt bij o.a. nierkankercellen en borstkankercellen goede resultaten te hebben. Onderstaand het volledige persbericht zoals dat op de site van Lorus staat.

    LORUS THERAPEUTICS TREATS FIRST PATIENTS IN PHASE I CLINICAL TRIAL

    -The Company’s third anti-cancer drug commences clinical trial program - 

    JUNE 11, 2001

    --------------------------------------------------------------------------------

    TORONTO, CANADA – June 11, 2001 - Lorus Therapeutics Inc. (TSE: LOR; OTCBB: LORFF) announced today that it has started treating its first patients with its anti-cancer antisense drug, GTI-2501. The Phase I dose-escalating trial of GTI-2501 is underway at the University of Chicago Medical Center. 

    The Phase I clinical trial will enroll patients with solid tumors or lymphoma for which no effective therapy is currently available or whose cancer has not responded to conventional or standard therapies. The trial has been designed to establish the recommended clinical Phase II dose as well as look at the safety profile of GTI-2501. The Company also plans to monitor the drug’s activity during the treatment cycle. 

    “The pre-clinical results with GTI-2501 are very promising and we are extremely pleased to begin our clinical trial program in patients with different tumor types,” said Dr. Jim A. Wright, president, Lorus. “We think there is great potential for this drug to provide patients with an effective treatment that is safe and less toxic than alternative therapies.” 

    Lorus previously reported the approval of its Investigational New Drug (IND) submission for GTI-2501 by the U.S. Food and Drug Administration. In pre-clinical testing, Lorus reported that GTI-2501 demonstrated significant anti-tumor activity properties when investigated in standard mouse models with a variety of different human cancers. The results were promising as they revealed complete tumor regression in all mouse models with human tumors derived from kidney and breast cancers. Following the tumor regression, no kidney tumor re-growth occurred, even after the treatment was stopped. Earlier investigations in animals also showed that the drug is well tolerated. Lorus is anticipating similar safety and activity profiles in this first phase of human trials. 

    GTI-2501 is the Company’s third drug to enter clinical trials. Lorus is preparing for multiple Phase II clinical trials with its lead antisense drug GTI-2040, the first of which is to involve patients with renal cell carcinoma. A Phase III clinical trial with Virulizin® in patients with advanced pancreatic cancer is planned for later this year. 




    46. Medicijn voor suikerziekte zou ook remmend werken bij kankergroei, aldus onderzoekers in The Scientist. 

     

    In The Scientist van vandaag d.d. 26 september 2003 wordt melding gemaakt van een onverwachte ontdekking dat bepaalde medicijnen voor suikerziekte - diabetici - ook remmend zouden werken op kankergroei. Ik moet eerlijk zeggen dat onderstaande artikel mijn wetenschappelijke petje te boven gaat dus ga ook maar niet proberen dit te vertalen, maar wellicht dat sommigen onder u wel precies hieruit af kunnen leiden wat nu precies het goede aan dit bericht is. Wat ik eruit begrijp is dat bepaalde eiwitten in bepaalde genen wel bij suikerziekte en kanker voorkomen maar niet bij gezonde mensen en/of dat die eiwitten wel of niet een rol spelen in het opruimen door het immuunsysteem van beschadigde cellen (kankercellen), maar verder durf ik dat niet uit te leggen. Als een arts of medisch deskundige dit wel kan voelen we ons aanbevolen voor zijn/haar uitleg. Dat het in The Scientist wordt gemeld geeft wel aan dat dit een belangrijke ontdekking kan zijn.

    Bron: The Scientist

    Diabetes and cancer: an unexpected link may also help in the treatment of some forms of cancer | By Andrea Rinaldi

    An intriguing study in the September 24 Journal of Biology—published by BioMed Central, a sister company of The Scientist—suggests there could be a previously unrecognized anticancer benefit from treatment with some common antidiabetic drugs. Simon A. Hawley and colleagues at the University of Dundee show how the tumor suppressor protein kinase LKB1 is linked to AMP-activated protein kinase (AMPK), the target enzyme for several drugs commonly used to treat type 2 diabetes (Journal of Biology, 2:28, September 24, 2003). 

    AMPK acts as a "metabolic master switch," reducing glucose levels and inhibiting biosynthetic pathways and cell proliferation. A lack of, or a mutation in, the LKB1 gene gives rise to Peutz-Jeghers syndrome, an autosomal dominant human disorder in which the risk of developing malignant tumors in some tissues is 15-fold higher than normal. Both the activation pattern of AMPK and the LKB1 substrate have been poorly understood, but recent observations suggest that the latter is associated with a group of accessory proteins known as STRADa/ß and MO25a/ß, which increase the kinase activity of LKB1.

    Hawley et al. purified two forms of AMPK from rat liver and observed that both fractions contained LKB1, STRADa, and MO25a and that the AMPK activity could be immunoprecipitated using anti-LKB1 antibodies. Recombinant LKB1–STRADa/ß –MO25a/ß complexes fully activated AMPK in cell-free assays, providing further support for the idea that the link between AMPK and LKB1 has a functional background. In addition, the authors demonstrated that LKB1-mediated activation of AMPK also takes place in vivo in HEK-293T cells, but not in HeLa cells (which don't express LKB1 and therefore represents a natural knockout cell line). In HeLa cells, activation was achieved by stably expressing recombinant LKB1. This suggests that the tumor-suppressing properties of LKB1 may depend on its ability to activate AMPK.

    "Our findings provide strong evidence that LKB1–STRAD–MO25 complexes represent the major upstream kinases acting on AMPK, although they do not rule out the possibility that the complex might contain additional components," conclude the authors.

    Having established the LKB1–AMPK connection, Hawley et al. attempted to verify if antidiabetic drugs targeting AMPK by increasing its enzymatic activity could be affected by LKB1 in vivo. They observed that metformin—the most widely used diabetes drug in the world—could not activate AMPK in HeLa cells, presumably since they lack LKB1, and that expression of recombinant LKB1 restored the ability of HeLa cells to respond to the drug. The authors speculate that metformin, and possibly other diabetes drugs, may work by directly activating LKB1, which in turn activates AMPK, leading to glucose sequestration—with immediate benefits for those with diabetes—and to inhibition of cell growth and division, which ultimately prevent tumor development and proliferation.

    Links for this article
    S.A. Hawley et al., "Complexes between the LKBI tumor suppressor, STRADa/ß and MO25a/ß are upstream kinases in the AMP-activated protein kinase cascade," Journal of Biology, 2:28, September 24, 2003.
    http://jbiol.com/content/2/4/28 

    University of Dundee
    http://www.dundee.ac.uk/ 

    A. Hemminki, "The molecular basis and clinical aspects of Peutz-Jeghers syndrome," Cellular and Molecular Life Sciences, 55:735-750, May 1999.
    [PubMed Abstract] 

    J. Boudeau et al., "MO25a/ß interact with STRADa/ß enhancing their ability to bind, activate and localise LKB1 in the cytoplasm," European Molecular Biology Organization Journal, 22:5102-5114, October 1, 2003.
    http://emboj.oupjournals.org/